Ga verder naar de inhoud

BC/22-0120

Ongegrond Beroepscommissie Beroepscommissie
VOORLOPIGE MAATREGEL - BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - TUCHT - BIJSTAND ADVOCAAT

Het inrichtingshoofd heeft de procedure niet gevolgd, aangezien artikel 111 Basiswet voorschrijft om in de gegeven omstandigheden (feiten die tevens aanleiding kunnen geven tot tuchtsancties) voorrang te geven aan de tuchtprocedure met de bijhorende waarborgen.
Klager werd bovendien op het verkeerde spoor gezet doordat de directie naar aanleiding van de rapporten eerst een VM in het kader van artikel 145 (tuchtregime) aan klager betekende, om hem vervolgens te horen in het kader van een BVM zonder raadsman. Klager heeft bijgevolg geen beroep kunnen doen op bijstand door een raadsman, hetgeen een bijzondere waarborg is in het kader van de tuchtprocedure.
De bijzondere veiligheidsmaatregelen doen zich dan ook voor als een verdoken tuchtsanctie.