BC/22-0192
Gegrond
Beroepscommissie
Beroepscommissie
Individueel bijzonder veiligheidsregime
INDIVIDUEEL BIJZONDER VEILIGHEIDSREGIME - MOTIVERING
Aangezien het specifieke artikel in de basiswet niet van overeenkomstige toepassing werd verklaard inzake een beroep tegen een IBVR, dient het schorsingsverzoek te worden afgewezen. De Beroepscommissie stelt vast dat het medisch advies ogenschijnlijk dateert van voor het voorstel van de directeur inzake het concrete IBVR en de
modaliteiten ervan nog niet waren geformuleerd. Het voorstel van de directeur dateert immers van 2 dagen later. Door de stereotype bewoording van het medisch advies kan aan de hand van de inhoud van het advies ook niet worden nagegaan of de arts reeds kennis had van de nadere regels van het voorstel. De Beroepscommissie besluit dat ui de Basiswet niet mis te verstaan is en uitdrukkelijk vereist dat het voorstel tot IBVR “wordt vergezeld van een medisch advies met
betrekking tot de verenigbaarheid van de nadere regels van het voorgestelde regime met de gezondheidstoestand van de gedetineerde.” Uit het bovenstaande blijkt dat de arts die in deze zaak het medisch advies opstelde, de nadere modaliteiten van het voorstel tot IBVR onmogelijk heeft kunnen toetsen op contra-indicaties voor de gezondheidstoestand van appellant. De essentiële waarborg uit het geciteerde artikel werd niet nageleefd, zodat de Directeur-Generaal
de motivering van het bestreden IBVR bezwaarlijk kon afsluiten met de vaststelling dat uit het medisch advies de verenigbaarheid van het regime met de gezondheidstoestand van de gedetineerde blijkt.
Het beroep is gegrond.
Aangezien het specifieke artikel in de basiswet niet van overeenkomstige toepassing werd verklaard inzake een beroep tegen een IBVR, dient het schorsingsverzoek te worden afgewezen. De Beroepscommissie stelt vast dat het medisch advies ogenschijnlijk dateert van voor het voorstel van de directeur inzake het concrete IBVR en de
modaliteiten ervan nog niet waren geformuleerd. Het voorstel van de directeur dateert immers van 2 dagen later. Door de stereotype bewoording van het medisch advies kan aan de hand van de inhoud van het advies ook niet worden nagegaan of de arts reeds kennis had van de nadere regels van het voorstel. De Beroepscommissie besluit dat ui de Basiswet niet mis te verstaan is en uitdrukkelijk vereist dat het voorstel tot IBVR “wordt vergezeld van een medisch advies met
betrekking tot de verenigbaarheid van de nadere regels van het voorgestelde regime met de gezondheidstoestand van de gedetineerde.” Uit het bovenstaande blijkt dat de arts die in deze zaak het medisch advies opstelde, de nadere modaliteiten van het voorstel tot IBVR onmogelijk heeft kunnen toetsen op contra-indicaties voor de gezondheidstoestand van appellant. De essentiële waarborg uit het geciteerde artikel werd niet nageleefd, zodat de Directeur-Generaal
de motivering van het bestreden IBVR bezwaarlijk kon afsluiten met de vaststelling dat uit het medisch advies de verenigbaarheid van het regime met de gezondheidstoestand van de gedetineerde blijkt.
Het beroep is gegrond.