Ga verder naar de inhoud

BC/23-0171

Gegrond Beroepscommissie Beroepscommissie Individueel bijzonder veiligheidsregime
INDIVIDUEEL BIJZONDER VEILIGHEIDSREGIME - MEDISCH ADVIES

Artikel 118 §2, derde lid, van de Basiswet bepaalt dat het voorstel tot plaatsing in IBVR wordt vergezeld van een medisch advies met betrekking tot de verenigbaarheid van de nadere regels van het voorgestelde regime met de gezondheidstoestand van de gedetineerde.

Uit het voorgelegde verslag blijkt niet dat de arts een advies heeft gegeven over de verenigbaarheid van de nadere regels van het voorgestelde regime met de gezondheidstoestand van de gedetineerde, zoals artikel 118 §2, derde lid, van de Basiswet vereist:

- De bewoordingen “het individueel bijzonder veiligheidsregime kan volgende maatregelen inhouden” gevolgd door een opsomming van de maatregelen waaruit een individueel bijzonder veiligheidsregime kan bestaan maar niet de maatregelen die in concreto ten aanzien van beroepsindiener voorgesteld werden, laten niet toe te besluiten dat de arts kennis heeft genomen van de ‘nadere regels van het voorgestelde regime’ waarvan hij de verenigbaarheid met de gezondheidstoestand van de gedetineerde moest nagaan.

- Een kennisname van de mogelijke maatregelen waaruit een individueel bijzonder veiligheidsregime kan bestaan gevolgd door het aankruisen van de optie “medisch verantwoord” maakt een stijlformule uit. Het medisch advies moet geïndividualiseerd en omstandig zijn en er moet uit blijken dat de verenigbaarheid van de nadere regels van het voorgestelde regime met de gezondheidstoestand van de gedetineerde grondig onderzocht werd.

De beroepscommissie merkt tevens op dat het medisch advies niet gedateerd is.

De procedurele voorwaarden voor het nemen van een beslissing tot een IBVR zijn niet nageleefd. De beslissing tot het opleggen van het IBVR is bijgevolg wegens schending van art. 118 van de basiswet nietig.