OVERPLAATSING - OVERBEVOLKING
Op het ogenblik waarop de directie van de gevangenis van Turnhout het verzoek tot plaatsing opstelde (28 juli 2023) verbleven er in deze gevangenis met een capaciteit voor 269 gedetineerden, 331 gedetineerden. De overweging van de Directie detentiebeheer dat ervoor moet worden gewaakt dat de gevangenis van Turnhout, die als arresthuis fungeert, te kampen heeft met overbevolking, is een terechte bekommernis. De gevangenis van Turnhout huisvest evenwel niet alleen geïnterneerden en voorlopig aangehoudenen, maar ook definitief veroordeelden. Op 26 oktober 2023 verbleven er 298 gedetineerden, onder wie 118 geïnterneerden, 116 voorlopig aangehoudenen en 64 definitief veroordeelden. De overweging dat vooral voorlopig aangehoudenen, geïnterneerden en gedetineerden aan wie beperkte detentie werd toegekend in de gevangenis van Turnhout worden ondergebracht, kan op zichzelf dan ook geen voldoende verantwoording inhouden voor een beslissing tot plaatsing of overplaatsing. Het penitentiair bestuur moet erop toezien dat bij het bepalen van welke definitief veroordeelden kunnen worden geplaatst in een gevangenis die ook als arresthuis fungeert, rekening wordt gehouden met de urgentie of ernst van het belang dat elk van deze definitief veroordeelden bij een plaatsing in die gevangenis kan laten gelden.
De nadelen die verbonden zijn aan een plaatsing van de beroepsindiener in de gevangenis van Beveren, staan vast: de contacten met personen in de gevangenis van Turnhout die de betrokkene bijstaan in de uitwerking van zijn reclassering, vallen weg; de afstand tot de regio waarin hij zijn reclassering wil uitwerken en waar zijn familie verblijft, wordt aanzienlijk langer; de gevangenis van Beveren is met het openbaar vervoer niet eenvoudig te bereiken en de reisduur is aanzienlijk langer, zowel voor de bezoekers van de betrokkene, als voor hemzelf.
Niettemin zijn deze nadelen niet van die aard dat het penitentiair bestuur niet binnen de grenzen van de redelijkheid tot de plaatsing van de betrokkene in de gevangenis van Beveren heeft kunnen beslissen: de plaatsing in de gevangenis van Beveren maakt het bezoek van zijn familie moeilijker, maar niet onmogelijk; bij de toekenning van uitgaansvergunningen zal het penitentiair bestuur rekening houden met de langere reisduur; de uitwerking van een reclassering in de regio Mol kan ook vanuit de gevangenis van Beveren; de plaatsing van de betrokkene kan herbekeken worden wanneer de betrokkene uitvoeringsmodaliteiten verkrijgt en de verblijfssituatie van de betrokkene is uitgeklaard.
Het penitentiair bestuur heeft ook in redelijkheid kunnen oordelen dat een overplaatsing naar de gevangenis van Hoogstraten nog niet aan de orde is zolang de verblijfssituatie van de betrokkene niet is vastgesteld.
Het beroep is dan ook ongegrond.
Op het ogenblik waarop de directie van de gevangenis van Turnhout het verzoek tot plaatsing opstelde (28 juli 2023) verbleven er in deze gevangenis met een capaciteit voor 269 gedetineerden, 331 gedetineerden. De overweging van de Directie detentiebeheer dat ervoor moet worden gewaakt dat de gevangenis van Turnhout, die als arresthuis fungeert, te kampen heeft met overbevolking, is een terechte bekommernis. De gevangenis van Turnhout huisvest evenwel niet alleen geïnterneerden en voorlopig aangehoudenen, maar ook definitief veroordeelden. Op 26 oktober 2023 verbleven er 298 gedetineerden, onder wie 118 geïnterneerden, 116 voorlopig aangehoudenen en 64 definitief veroordeelden. De overweging dat vooral voorlopig aangehoudenen, geïnterneerden en gedetineerden aan wie beperkte detentie werd toegekend in de gevangenis van Turnhout worden ondergebracht, kan op zichzelf dan ook geen voldoende verantwoording inhouden voor een beslissing tot plaatsing of overplaatsing. Het penitentiair bestuur moet erop toezien dat bij het bepalen van welke definitief veroordeelden kunnen worden geplaatst in een gevangenis die ook als arresthuis fungeert, rekening wordt gehouden met de urgentie of ernst van het belang dat elk van deze definitief veroordeelden bij een plaatsing in die gevangenis kan laten gelden.
De nadelen die verbonden zijn aan een plaatsing van de beroepsindiener in de gevangenis van Beveren, staan vast: de contacten met personen in de gevangenis van Turnhout die de betrokkene bijstaan in de uitwerking van zijn reclassering, vallen weg; de afstand tot de regio waarin hij zijn reclassering wil uitwerken en waar zijn familie verblijft, wordt aanzienlijk langer; de gevangenis van Beveren is met het openbaar vervoer niet eenvoudig te bereiken en de reisduur is aanzienlijk langer, zowel voor de bezoekers van de betrokkene, als voor hemzelf.
Niettemin zijn deze nadelen niet van die aard dat het penitentiair bestuur niet binnen de grenzen van de redelijkheid tot de plaatsing van de betrokkene in de gevangenis van Beveren heeft kunnen beslissen: de plaatsing in de gevangenis van Beveren maakt het bezoek van zijn familie moeilijker, maar niet onmogelijk; bij de toekenning van uitgaansvergunningen zal het penitentiair bestuur rekening houden met de langere reisduur; de uitwerking van een reclassering in de regio Mol kan ook vanuit de gevangenis van Beveren; de plaatsing van de betrokkene kan herbekeken worden wanneer de betrokkene uitvoeringsmodaliteiten verkrijgt en de verblijfssituatie van de betrokkene is uitgeklaard.
Het penitentiair bestuur heeft ook in redelijkheid kunnen oordelen dat een overplaatsing naar de gevangenis van Hoogstraten nog niet aan de orde is zolang de verblijfssituatie van de betrokkene niet is vastgesteld.
Het beroep is dan ook ongegrond.