Ga verder naar de inhoud

BC/24-0419

Ongegrond Beroepscommissie Beroepscommissie Ordemaatregel
ORDEMAATREGEL - AFZETTING WERK - HOORRECHT

De klachtencommissie kan niet worden gevolgd in haar oordeel dat er van de ordemaatregel een hoofdzakelijk bestraffend karakter uitgaat, louter omdat gebruik werd gemaakt van de standaardformulieren die kaderen in de tuchtrechtelijke procedure.

Hetgeen daarentegen wel de wenkbrauwen doet fronsen, is dat de bestreden ordemaatregel werd genomen vooraleer klaagster daarover werd gehoord.

Hoewel het hoofdzakelijk bestraffende karakter van de ordemaatregel volgens de beroepscommissie niet vaststaat, staat wel vast dat klaagster niet werd gehoord vooraleer de bestreden ordemaatregel werd genomen.

Het hoorrecht is weliswaar niet absoluut, doch gelet op:
- de eerder lange tewerkstelling;
- de beperkte observaties, die volgens haar raadsman evengoed kunnen getuigen van een proactieve houding op de werkvloer;
- het uitgebreide betoog van klaagster in haar klachtenformulier,
had klaagster minstens de kans moeten krijgen om de observaties in een ander daglicht te stellen, hetgeen mogelijk tot een andere beslissing had kunnen leiden indien zij daarover vooraf was gehoord.

De beroepscommissie besluit dan ook dat de klacht alsnog terecht gegrond werd verklaard, los van het al dan niet bestraffende karakter van de ordemaatregel, gelet op schending van het hoorrecht.