INDIVIDUELE WANDELING - STAKING - ONTVANKELIJKHEID
De afzonderlijke klachten gaan telkens over het feit dat klager op 29 april 2025 tijdens een staking in de gevangenis van Leuven-Centraal, geen uur in de buitenlucht heeft mogen vertoeven.
De beroepscommissie stelt vast dat de klachtencommissie de klachten in essentie telkens ontvankelijk verklaarde onder verwijzing naar de vaststaande rechtspraak van de Nederlandstalige beroepscommissie in gelijkaardige dossiers.
Een ruimere interpretatie van artikel 148 van de basiswet - aldus anders dan het inrichtingshoofd- sluit inderdaad aan bij de bedoeling van de wetgever om een ‘laagdrempelig beklagrecht voor een onafhankelijke instantie die bijzonder vertrouwd is met de penitentiaire praxis’ te installeren , naar het voorbeeld van het Nederlandse model , dat intussen (inter)nationaal gelauwerd wordt om zijn effectiviteit.
De klachtencommissie verklaarde de klacht dan ook terecht ontvankelijk onder verwijzing naar de boven geciteerde uitspraak van de beroepscommissie.
Om al deze redenen sluit de beroepscommissie zich thans niet aan bij de strikte interpretatie die de Franstalige Raad van State in het door beroepsindiener aangehaalde arrest geeft aan artikel 148 van de basiswet, zodat het beroep van het inrichtingshoofd ongegrond dient te worden verklaard.
De afzonderlijke klachten gaan telkens over het feit dat klager op 29 april 2025 tijdens een staking in de gevangenis van Leuven-Centraal, geen uur in de buitenlucht heeft mogen vertoeven.
De beroepscommissie stelt vast dat de klachtencommissie de klachten in essentie telkens ontvankelijk verklaarde onder verwijzing naar de vaststaande rechtspraak van de Nederlandstalige beroepscommissie in gelijkaardige dossiers.
Een ruimere interpretatie van artikel 148 van de basiswet - aldus anders dan het inrichtingshoofd- sluit inderdaad aan bij de bedoeling van de wetgever om een ‘laagdrempelig beklagrecht voor een onafhankelijke instantie die bijzonder vertrouwd is met de penitentiaire praxis’ te installeren , naar het voorbeeld van het Nederlandse model , dat intussen (inter)nationaal gelauwerd wordt om zijn effectiviteit.
De klachtencommissie verklaarde de klacht dan ook terecht ontvankelijk onder verwijzing naar de boven geciteerde uitspraak van de beroepscommissie.
Om al deze redenen sluit de beroepscommissie zich thans niet aan bij de strikte interpretatie die de Franstalige Raad van State in het door beroepsindiener aangehaalde arrest geeft aan artikel 148 van de basiswet, zodat het beroep van het inrichtingshoofd ongegrond dient te worden verklaard.