BC/25-0317
Ongegrond
Beroepscommissie
Beroepscommissie
Andere beslissing directeur
TERMIJN
Klager heeft beroep ingediend tegen de beslissing van de klachtencommissie waarbij een klacht tegen het afhouden van gelden van zijn rekening wegens schade aan een televisie niet-ontvankelijk werd verklaard, omdat de klacht laattijdig was ingediend. Klager diende zijn klacht in begin oktober 2025, toen hij vaststelde dat er geld van zijn rekening was gehouden. Hij betwist dat hij kennis had van de beslissing van 17 juli 2025 over de te vergoeden schade. Uit het dossier komt volgens de beroepscommissie voldoende duidelijk naar voren dat de directie de bestreden beslissing heeft genomen op 17 juli 2025, klager op diezelfde dag heeft geweigerd om de beslissing te ondertekenen, maar hij eveneens op die dag kennis heeft gekregen van de beslissing. Er anders over oordelen, zou betekenen dat de weigering om een beslissing te ondertekenen met zich zou meebrengen dat hieruit dan geen kennisname van die beslissing volgt; dit zou betekenen dat de termijn van zeven dagen om klacht in te dienen, nooit zou beginnen lopen. Dit kan niet de bedoeling zijn. Dat klager pas twee maanden later vaststelde dat het bedrag van de schadevergoeding van zijn rekening werd afgehouden, doet niets aan het bovenstaande af. Het beroep is ontvankelijk, maar niet gegrond.
Klager heeft beroep ingediend tegen de beslissing van de klachtencommissie waarbij een klacht tegen het afhouden van gelden van zijn rekening wegens schade aan een televisie niet-ontvankelijk werd verklaard, omdat de klacht laattijdig was ingediend. Klager diende zijn klacht in begin oktober 2025, toen hij vaststelde dat er geld van zijn rekening was gehouden. Hij betwist dat hij kennis had van de beslissing van 17 juli 2025 over de te vergoeden schade. Uit het dossier komt volgens de beroepscommissie voldoende duidelijk naar voren dat de directie de bestreden beslissing heeft genomen op 17 juli 2025, klager op diezelfde dag heeft geweigerd om de beslissing te ondertekenen, maar hij eveneens op die dag kennis heeft gekregen van de beslissing. Er anders over oordelen, zou betekenen dat de weigering om een beslissing te ondertekenen met zich zou meebrengen dat hieruit dan geen kennisname van die beslissing volgt; dit zou betekenen dat de termijn van zeven dagen om klacht in te dienen, nooit zou beginnen lopen. Dit kan niet de bedoeling zijn. Dat klager pas twee maanden later vaststelde dat het bedrag van de schadevergoeding van zijn rekening werd afgehouden, doet niets aan het bovenstaande af. Het beroep is ontvankelijk, maar niet gegrond.
Er werd een klachtendossier met referentie KC16/25-0288 opgestart