Ga verder naar de inhoud

BC/26-0013

Ongegrond Beroepscommissie Beroepscommissie Andere beslissing directeur
MEDISCH

Klager heeft beroep ingediend tegen de beslissing van de klachtencommissie waarbij zijn klacht over het feit dat zijn eigen arts hem niet zou mogen bezoeken in de gevangenis niet-ontvankelijk werd verklaard. De klachtencommissie had nadrukkelijk aan de directie gevraagd of klager een rapportbriefje had gestuurd met de vraag of zijn eigen arts op bezoek kon komen. De directie heeft geantwoord dat zo een briefje niet kon worden teruggevonden, waarop de klachtencommissie de klacht, op basis van de informatie waarover zij op dat moment beschikte, terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard.

In het kader van de beroepsprocedure werd het rapportbriefje echter teruggevonden. De beroepscommissie liet aan de advocaat van klager weten dat zij niet beschikte over objectieve informatie of, en in voorkomend geval op welke manier (telefonisch, via e-mail …), de door klager vermelde dokter contact zou hebben opgenomen met de gevangenis van Wortel in een specifieke periode. De beroepscommissie stelde klager via zijn advocaat in de gelegenheid om hiervan een bewijs te bezorgen. De beroepscommissie heeft geen antwoord ontvangen op haar vraag, noch stukken die aantonen wanneer en in voorkomend geval op welke manier er zo een contactname zou zijn geweest. De beroepscommissie stelt vast dat klager wel degelijk de toelating had van de directie om zijn eigen arts op bezoek te laten komen in de gevangenis. Bij gebreke aan enig stuk waaruit de beweerde contactname van de arts met de gevangenis blijkt, waarbij bovendien aan de arts zou zijn meegedeeld dat het niet mogelijk was om op bezoek te komen, acht de beroepscommissie het niet aangetoond dat het klagers arts door of namens de directeur zou zijn verhinderd om hem te bezoeken in de gevangenis met het oog op een consultatie. Het beroep is ontvankelijk, maar niet gegrond.