TUCHT - VERBODEN SUBSTANTIES
Klager heeft een klacht ingediend tegen een tuchtbeslissing waarbij hij 15 dagen ATV regime kreeg na het aantreffen van verboden substanties. Tijdens de tuchthoorzitting heeft klager verklaard dat hij tabak naar boven aan het halen was en heeft hij toegegeven dat er 1 joint op zijn cel lag. De klachtencommissie ziet geen reden waarom de directie zich bij het nemen van de bestreden beslissing niet had mogen steunen op het RAD. Bovendien heeft klager het bezit van verboden substantie toegegeven op de tuchthoorzitting. De klachtencommissie besluit bijgevolg dat de directie in redelijkheid en billijkheid kon besluiten tot het bewezen zijn van de tuchtinbreuk. Bezit van drugs is een tuchtinbreuk van eerste categorie waardoor ATV kan opgelegd worden tot maximum 30 dagen. De tuchtsanctie van 15 dagen is dan ook wettig. Bovendien is de klachtencommissie van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk is gelet op een eerder begane tuchtinbreuk tijdens de eerste 6 maanden van zijn detentie en de houding van klager ten aanzien van druggebruik tijdens de tuchthoorzitting. De klacht is ongegrond.
Klager heeft een klacht ingediend tegen een tuchtbeslissing waarbij hij 15 dagen ATV regime kreeg na het aantreffen van verboden substanties. Tijdens de tuchthoorzitting heeft klager verklaard dat hij tabak naar boven aan het halen was en heeft hij toegegeven dat er 1 joint op zijn cel lag. De klachtencommissie ziet geen reden waarom de directie zich bij het nemen van de bestreden beslissing niet had mogen steunen op het RAD. Bovendien heeft klager het bezit van verboden substantie toegegeven op de tuchthoorzitting. De klachtencommissie besluit bijgevolg dat de directie in redelijkheid en billijkheid kon besluiten tot het bewezen zijn van de tuchtinbreuk. Bezit van drugs is een tuchtinbreuk van eerste categorie waardoor ATV kan opgelegd worden tot maximum 30 dagen. De tuchtsanctie van 15 dagen is dan ook wettig. Bovendien is de klachtencommissie van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk is gelet op een eerder begane tuchtinbreuk tijdens de eerste 6 maanden van zijn detentie en de houding van klager ten aanzien van druggebruik tijdens de tuchthoorzitting. De klacht is ongegrond.