KC02/24-0055
Gegrond
Onontvankelijk
KC - Antwerpen
Klachtencommissie
Bijzondere veiligheidsmaatregel
Fouille op het lichaam
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL - BEVEILIGDE CEL
De klacht is gericht tegen een plaatsing in de beveiligde cel door middel van een bijzondere veiligheidsmaatregel (BVM). De plaatsing volgde op feiten die volgens de klachtencommissie ook gekwalificeerd kunnen worden als tuchtinbreuk. In een dergelijk geval moet enkel de tuchtprocedure worden opgestart, tenzij de directie enkel tot doel heeft om preventief een gevaar voor de orde of de veiligheid aan te pakken. De beslissing tot het opleggen van een BVM spreekt echter enkel over feiten die reeds hebben plaatsgevonden. Bovendien stelt de beslissing zelf in het feitenrelaas dat er geen directe dreiging meer was. De BVM werd met andere woorden opgelegd op een moment dat er geen gevaar meer was voor de orde of de veiligheid. De klachtencommissie meent daarom dat de bijzondere veiligheidsmaatregel werd opgelegd als een verdoken tuchtsanctie. De klacht is gegrond.
De klacht is gericht tegen een plaatsing in de beveiligde cel door middel van een bijzondere veiligheidsmaatregel (BVM). De plaatsing volgde op feiten die volgens de klachtencommissie ook gekwalificeerd kunnen worden als tuchtinbreuk. In een dergelijk geval moet enkel de tuchtprocedure worden opgestart, tenzij de directie enkel tot doel heeft om preventief een gevaar voor de orde of de veiligheid aan te pakken. De beslissing tot het opleggen van een BVM spreekt echter enkel over feiten die reeds hebben plaatsgevonden. Bovendien stelt de beslissing zelf in het feitenrelaas dat er geen directe dreiging meer was. De BVM werd met andere woorden opgelegd op een moment dat er geen gevaar meer was voor de orde of de veiligheid. De klachtencommissie meent daarom dat de bijzondere veiligheidsmaatregel werd opgelegd als een verdoken tuchtsanctie. De klacht is gegrond.