KC02/24-0134
Ongegrond
KC - Antwerpen
Klachtencommissie
Voorlopige maatregel
Tucht
VOORLOPIGE MAATREGEL - BEVEILIGDE CEL - TUCHT - PERSONEEL
De klacht betreft de beslissing tot het opleggen van een voorlopige maatregel en de tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis.
Wat betreft de voorlopige maatregel:
In het dossier werden twee rapporten aan de directeur (RAD) toegevoegd. Het tweede RAD stelt dat klager in overleg met de directie werd geplaatst na verbale agressie en fysieke intimidatie. De voorlopige maatregel wordt gemotiveerd door dit laatste RAD over te nemen. Het gaat volgens de klachtencommissie inderdaad om een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid, waarvoor de directie een voorlopige maatregel kan opleggen.
In het verweer van de directie geeft ze ook aan waarom een VM plaatsing in de beveiligde cel nodig was, nl. om de interne veiligheid en fysieke integriteit van derden te beschermen. Dit werd echter niet opgenomen in de motivering van de voorlopige maatregel zelf. De klachtencommissie beveelt aan om ook in de beslissing aan te geven waarom een voorlopige maatregel nodig was en waarom men voor een bepaalde maatregel heeft gekozen. Om deze redenen is de klacht niet gegrond.
Wat betreft de tuchtbeslissing:
Naar aanleiding van de twee RAD’s (zie boven) werd de tuchtprocedure opgestart voor de tuchtinbreuken “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee” en “het beledigen van personen die zich in de gevangenis bevinden”.
De klachtencommissie is van oordeel dat de vaststellingen in de twee RAD’s duidelijk zijn. De directie mag zich op een duidelijk RAD baseren om een tuchtfeit en de ernst van het tuchtfeit te beoordelen. Klager bracht zowel tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting als in zijn klacht geen
argumenten aan die doen twijfelen aan de vaststellingen uit de RAD’s. Integendeel geeft klager toe dat hij onbeleefd was en dat de situatie escaleerde.
De klachtencommissie acht de feiten dan ook bewezen. De tuchtbeslissing werd afdoende gemotiveerd. De tuchtprocedure werd voor het overige correct gevoerd. De sanctie van 20 dagen ATV is wettig. De sanctie is ook niet onredelijk of onbillijk, gelet op de omstandigheden.
Om deze redenen is de klacht niet gegrond.
De klacht betreft de beslissing tot het opleggen van een voorlopige maatregel en de tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis.
Wat betreft de voorlopige maatregel:
In het dossier werden twee rapporten aan de directeur (RAD) toegevoegd. Het tweede RAD stelt dat klager in overleg met de directie werd geplaatst na verbale agressie en fysieke intimidatie. De voorlopige maatregel wordt gemotiveerd door dit laatste RAD over te nemen. Het gaat volgens de klachtencommissie inderdaad om een ernstige en opzettelijke aantasting van de interne veiligheid, waarvoor de directie een voorlopige maatregel kan opleggen.
In het verweer van de directie geeft ze ook aan waarom een VM plaatsing in de beveiligde cel nodig was, nl. om de interne veiligheid en fysieke integriteit van derden te beschermen. Dit werd echter niet opgenomen in de motivering van de voorlopige maatregel zelf. De klachtencommissie beveelt aan om ook in de beslissing aan te geven waarom een voorlopige maatregel nodig was en waarom men voor een bepaalde maatregel heeft gekozen. Om deze redenen is de klacht niet gegrond.
Wat betreft de tuchtbeslissing:
Naar aanleiding van de twee RAD’s (zie boven) werd de tuchtprocedure opgestart voor de tuchtinbreuken “de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen, of de bedreiging daarmee” en “het beledigen van personen die zich in de gevangenis bevinden”.
De klachtencommissie is van oordeel dat de vaststellingen in de twee RAD’s duidelijk zijn. De directie mag zich op een duidelijk RAD baseren om een tuchtfeit en de ernst van het tuchtfeit te beoordelen. Klager bracht zowel tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting als in zijn klacht geen
argumenten aan die doen twijfelen aan de vaststellingen uit de RAD’s. Integendeel geeft klager toe dat hij onbeleefd was en dat de situatie escaleerde.
De klachtencommissie acht de feiten dan ook bewezen. De tuchtbeslissing werd afdoende gemotiveerd. De tuchtprocedure werd voor het overige correct gevoerd. De sanctie van 20 dagen ATV is wettig. De sanctie is ook niet onredelijk of onbillijk, gelet op de omstandigheden.
Om deze redenen is de klacht niet gegrond.