TUCHT - CELCONTROLE – VERBODEN VOORWERPEN
De klacht is gericht tegen een tuchtbeslissing waarin klager stelt dat er een gsm werd gevonden in de cel waar hij niets van afwist. Zijn celgenoot zou hebben aangegeven dat deze van hem is, maar de directie schuift de schuld alsnog op klager.
Het rapport aan de directeur (RAD) beschrijft een celcontrole op de cel van klager waarbij een smartphone, een oplader, een oplaadblok, een paar oortjes en twee gerolde sigaretten met kruidige geur werden gevonden. Naar aanleiding van dit RAD werd klager gesanctioneerd.
Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting stelt klager dat de gsm niet van hem, maar van zijn celgenoot is. Hij geeft wel toe dat de gevonden sigaretten van hem zijn. De directie stelt dat zij op basis van informatie van de politie denken dat de gsm wel degelijk van klager is. De advocaat van klager stelt daarop dat de directie niet over de informatie uit het dossier van de politie beschikt en vraagt om minstens de celgenoot van klager ook te horen voor er een beslissing wordt genomen.
In de motivering van de tuchtbeslissing zet de directie naar het oordeel van de klachtencommissie duidelijk uiteen waarom zij meent dat de gevonden gsm aan klager toebehoort. Zij verwijst enerzijds naar de verkregen informatie van de politie en anderzijds naar het verhoor van de celgenoot van klager. De klachtencommissie meent dan ook dat deze tuchtinbreuk voldoende bewezen en gemotiveerd werd door de directie. De overige tuchtinbreuken worden niet betwist door klager. De sanctie van 30 dagen ATV is wettig. De sanctie is ook niet onredelijk of onbillijk, gelet op de omstandigheden.
Om deze redenen is de klacht niet gegrond.
De klacht is gericht tegen een tuchtbeslissing waarin klager stelt dat er een gsm werd gevonden in de cel waar hij niets van afwist. Zijn celgenoot zou hebben aangegeven dat deze van hem is, maar de directie schuift de schuld alsnog op klager.
Het rapport aan de directeur (RAD) beschrijft een celcontrole op de cel van klager waarbij een smartphone, een oplader, een oplaadblok, een paar oortjes en twee gerolde sigaretten met kruidige geur werden gevonden. Naar aanleiding van dit RAD werd klager gesanctioneerd.
Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting stelt klager dat de gsm niet van hem, maar van zijn celgenoot is. Hij geeft wel toe dat de gevonden sigaretten van hem zijn. De directie stelt dat zij op basis van informatie van de politie denken dat de gsm wel degelijk van klager is. De advocaat van klager stelt daarop dat de directie niet over de informatie uit het dossier van de politie beschikt en vraagt om minstens de celgenoot van klager ook te horen voor er een beslissing wordt genomen.
In de motivering van de tuchtbeslissing zet de directie naar het oordeel van de klachtencommissie duidelijk uiteen waarom zij meent dat de gevonden gsm aan klager toebehoort. Zij verwijst enerzijds naar de verkregen informatie van de politie en anderzijds naar het verhoor van de celgenoot van klager. De klachtencommissie meent dan ook dat deze tuchtinbreuk voldoende bewezen en gemotiveerd werd door de directie. De overige tuchtinbreuken worden niet betwist door klager. De sanctie van 30 dagen ATV is wettig. De sanctie is ook niet onredelijk of onbillijk, gelet op de omstandigheden.
Om deze redenen is de klacht niet gegrond.