Ga verder naar de inhoud

KC02/24-0301

Ongegrond KC - Antwerpen Klachtencommissie Tucht
TUCHT – CELCONTROLE - VERBODEN VOORWERPEN

De klacht is gericht tegen een tuchtbeslissing. Klager stelt in zijn schriftelijke klacht dat hij er niets mee te maken heeft, maar toch gestraft wordt.

Het rapport aan de directeur (RAD) beschrijft een celcontrole op de cel van klager waarbij drie gsm’s gevonden werden, één in het tussenschot van hun lamp, één tussen de matras van het onderste bed en één tussen de matras en de lattenbodem van het onderste bed. Naar aanleiding van dit RAD werd klager gesanctioneerd voor de tuchtinbreuk “het bezit of het gebruik van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken”. Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting stelt klager dat hij geen weet heeft van de gsm’s. Wanneer de directie voorstelt om hem van cel te veranderen zodat hij zeker niets meer te maken moet hebben met gsm’s, wordt klager boos en verlaat de rapportzaal.

In de motivering van de tuchtbeslissing zet de directie naar het oordeel van de klachtencommissie duidelijk uiteen waarom zij meent dat de gevonden gsm aan klager toebehoort. Zij verwijst naar de vindplaats van de gsm’s, het tuchtverleden van klager en de reactie van klager wanneer hem wordt voorgesteld om van cel te veranderen. De klachtencommissie meent dan ook dat deze tuchtinbreuk voldoende bewezen en gemotiveerd werd door de directie.
De sanctie van 30 dagen ATV is wettig. De sanctie is ook niet onredelijk of onbillijk, gelet op de feiten en het tuchtverleden van klager. Om deze redenen is de klacht niet gegrond.