Ga verder naar de inhoud

KC04/24-0003

Ongegrond KC - Beveren Klachtencommissie Tucht
TUCHT - VERMOEDEN VAN ONSCHULD - TOEREKENBAARHEID

De klacht betreft een tuchtbeslissing.

Uit het vermoeden van onschuld volgt dat het tuchtfeit aan de tuchtrechtelijk vervolgde individueel kan worden toegerekend.

Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting ontkent klager zijn betrokkenheid en schuift hij de verantwoordelijkheid af op zijn celgenoot. De klachtencommissie meent dat de directie terecht heeft geoordeeld dat er geen sprake was van een ondubbelzinnige bekentenis in hoofde van celgenoot die de verantwoordelijkheid van klager uitsluit. Gegeven dat er geen sprake is van een ondubbelzinnige bekentenis, acht de klachtencommissie het eveneens redelijk dat de directie het verhaal van klager ongeloofwaardig acht en klager tuchtrechtelijk heeft gesanctioneerd.