Ga verder naar de inhoud

KC04/24-0104

Ongegrond KC - Beveren Klachtencommissie Andere beslissing directeur Tucht
TUCHT - ONTSLAG

De klacht is tweevoudig en betreft:
- een tuchtbeslissing
- een afzetting van werk

1. De tuchtbeslissing

De klachtencommissie merkt vooreerst op dat klager de feiten niet ontkent. Ze meent daarom dat de directie de feiten redelijkerwijze als bewezen kon beschouwen.

De klachtencommissie meent ook dat deze sanctie niet disproportioneel is. Verschillende beambten hebben klager aangesproken op zijn gedrag. Daarnaast heeft een directielid hierover ook een gesprek met hem gehad. Omdat hij nog steeds geen gehoor hieraan gaf, heeft het inrichtingshoofd besloten hem een effectieve tuchtsanctie op te leggen van één dag. Gegeven het feit dat klager verschillende waarschuwingen heeft gekregen, en de geringe zwaarte van de sanctie (acht dagen waarvan één effectief), meent de klachtencommissie dat deze tuchtsanctie niet disproportioneel is.

2. De afzetting van werk

Klager werd afgezet van werk omdat hij weigerde instructies en/of bevelen aan te nemen van de Compass medewerkers.

De klachtencommissie ziet geen reden om te twijfelen aan de bevindingen van de verschillende RADs, aangezien ze gedetailleerd en nauwkeurig zijn opgesteld en foto’s zijn toegevoegd ter staving van de bevindingen. Alle drie de RADs werden ook ondertekend door een getuige. Tot slot meent de klachtencommissie dat de drie RADs een coherent verhaal vormen. Ze wijzen op een herhaaldelijk problematisch gedrag van klager in de keuken.

Uit de zitting van de klachtencommissie is bovendien gebleken dat klager de motieven van de beslissing tot afzetting van werk kende. Hij was het hier niet mee eens, maar hij was er wel van op de hoogte. In dat opzicht meent de klachtencommissie dan ook dat is voldaan aan de motiveringsplicht, zoals gewaarborgd door artikel 8 van de Basiswet.