KC04/24-0231
Ongegrond
KC - Beveren
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
CELMUTATIE - TELEFONIE - TUCHT
De klacht is tweevoudig en betreft:
- een mutatie naar een monocel
- niet kunnen bellen tijdens ATV
1. De mutatie
Klager werd gemuteerd n.a.v. de vondst van een gsm op zijn (voormalige) meerpersonencel. De klachtencommissie meent dat het niet onredelijk is dat klager in zo’n geval naar een monocel wordt gemuteerd.
Bovendien blijkt niet dat hij niet op de hoogte was van de redenen die ten grondslag lagen aan zijn mutatie. Er kan dan ook geen schending van artikel 8 van de Basiswet worden vastgesteld.
2. Niet kunnen bellen tijdens ATV
Een gedetineerde kan ook klacht indien tegen het verzuim of de weigering van de directeur om binnen een redelijke termijn een beslissing te nemen waartoe de directie gehouden was met het oog op de uitvoering van de vrijheidsstraf in psychosociale, fysieke en materiële omstandigheden die de waardigheid van de mens eerbiedigen.
Artikel 140, §2, vijfde lid van de Basiswet bepaalt uitdrukkelijk dat het gebruik van de telefoon tijdens ATV wordt beperkt tot één telefoongesprek per week, zonder afbreuk te doen aan het recht om te telefoneren naar een advocaat.
Uit de samenlezing van beide artikelen volgt dat de directie ertoe gehouden is te waarborgen dat gedetineerden in de mogelijkheid zijn het recht uit artikel 140, §2, vijfde lid van de Basiswet effectief uit te oefenen.
Aangezien de waarborging van dit recht een handeling van de directeur veronderstelt, behoort de klacht in principe tot het toepassingsgebied van het beklagrecht.
Uit het verweer van de directie blijkt dat klager wel degelijk meerdere mogelijkheden heeft gehad een telefoongesprek te voeren én effectief een telefoongesprek van 35 minuten heeft kunnen voeren. De klachtencommissie heeft de telefoonlogs van klager bovendien kunnen inzien en zag dit bevestigd. Daarom meent ze dat de directie geen verzuim kan worden verweten. De klacht is ongegrond.
De klacht is tweevoudig en betreft:
- een mutatie naar een monocel
- niet kunnen bellen tijdens ATV
1. De mutatie
Klager werd gemuteerd n.a.v. de vondst van een gsm op zijn (voormalige) meerpersonencel. De klachtencommissie meent dat het niet onredelijk is dat klager in zo’n geval naar een monocel wordt gemuteerd.
Bovendien blijkt niet dat hij niet op de hoogte was van de redenen die ten grondslag lagen aan zijn mutatie. Er kan dan ook geen schending van artikel 8 van de Basiswet worden vastgesteld.
2. Niet kunnen bellen tijdens ATV
Een gedetineerde kan ook klacht indien tegen het verzuim of de weigering van de directeur om binnen een redelijke termijn een beslissing te nemen waartoe de directie gehouden was met het oog op de uitvoering van de vrijheidsstraf in psychosociale, fysieke en materiële omstandigheden die de waardigheid van de mens eerbiedigen.
Artikel 140, §2, vijfde lid van de Basiswet bepaalt uitdrukkelijk dat het gebruik van de telefoon tijdens ATV wordt beperkt tot één telefoongesprek per week, zonder afbreuk te doen aan het recht om te telefoneren naar een advocaat.
Uit de samenlezing van beide artikelen volgt dat de directie ertoe gehouden is te waarborgen dat gedetineerden in de mogelijkheid zijn het recht uit artikel 140, §2, vijfde lid van de Basiswet effectief uit te oefenen.
Aangezien de waarborging van dit recht een handeling van de directeur veronderstelt, behoort de klacht in principe tot het toepassingsgebied van het beklagrecht.
Uit het verweer van de directie blijkt dat klager wel degelijk meerdere mogelijkheden heeft gehad een telefoongesprek te voeren én effectief een telefoongesprek van 35 minuten heeft kunnen voeren. De klachtencommissie heeft de telefoonlogs van klager bovendien kunnen inzien en zag dit bevestigd. Daarom meent ze dat de directie geen verzuim kan worden verweten. De klacht is ongegrond.