KC04/25-0194
Gegrond
KC - Beveren
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
BEZOEK
Klager zijn tante en haar zoon stonden al geregistreerd als toegelaten bezoekers voor familiaal bezoek sinds zijn detentie in de gevangenis van Leuven. Klager wou zijn partner ook laten registreren voor familiaal bezoek in de plaats van de man van zijn tante die toch niet vaak op bezoek komt maar naar aanleiding van die vraag hebben ze iedereen van de lijst gehaald. Door deze fout mag niemand meer op familiaal bezoek komen. Men doet nu plots moeilijk omdat zijn tante geen bloedverwant is. Zij is niet de echte tante van klager maar ze betekent wel veel voor klager waardoor klager haar beschouwt als zijn tante.
De klachtencommissie meent dat er geen discussie bestaat over het feit dat de twee personen waarmee klager familiaal bezoek wil, geen bloedverwanten zijn en dus vallen onder de categorie andere bezoekers uit artikel 59, §2 van de Basiswet. Wanneer klager dus bezoek van hen wil ontvangen, dient de directeur dit eerst toe te laten. De klachtencommissie meent dat er reeds een voorafgaande toelating door de directeur is gebeurd aangezien klager verklaard heeft dat zij reeds op tafelbezoek zijn gekomen in de gevangenis van Beveren. De directie heeft dit niet betwist. Klager wil echter familiaal bezoek ontvangen van hen, hetgeen een vorm is van ongestoord bezoek. Volgens de Basiswet kan de directie het ongestoord bezoek met andere bezoekers slechts tijdelijk weigeren in de vier gevallen zoals omschreven in de Basiswet. Het niet kunnen aantonen van een bepaalde verwantschap hoort daar niet bij.
Tot slot is in Collectieve Brief nr. 107 van 16 juni 2011 bepaald dat de door een directie gegeven bezoektoelating geldig is in alle gevangenissen waar de gedetineerde nadien tijdens eenzelfde detentie verblijft, tenzij de directie beschikt over nieuwe individuele aanwijzingen waaruit blijkt dat het bezoek de handhaving van de orde of de veiligheid in gevaar kan brengen. Klager heeft zowel in zijn klacht als tijdens de zitting verklaard dat zijn twee bezoekers reeds op familiaal bezoek zijn gekomen in de gevangenis van Leuven Hulp. De directie heeft dit niet betwist. De directie haalt geen nieuwe individuele aanwijzingen waaruit blijkt dat het familiaal bezoek van deze twee personen thans de handhaving van de orde of de veiligheid in gevaar kan brengen waardoor de toelating voor familiaal bezoek zoals verleend in de gevangenis van Leuven Hulp, ook geldt in de gevangenis van Beveren.
De klachtencommissie besluit dat de weigering van het familiaal bezoek onwettig was. Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing. De klachtencommissie bepaalt, in toepassing van artikel 158, §3, 2° van de Basiswet, dat haar uitspraak in de plaats treedt. Dit wil zeggen dat het familiaal bezoek opnieuw is toegelaten.
Klager zijn tante en haar zoon stonden al geregistreerd als toegelaten bezoekers voor familiaal bezoek sinds zijn detentie in de gevangenis van Leuven. Klager wou zijn partner ook laten registreren voor familiaal bezoek in de plaats van de man van zijn tante die toch niet vaak op bezoek komt maar naar aanleiding van die vraag hebben ze iedereen van de lijst gehaald. Door deze fout mag niemand meer op familiaal bezoek komen. Men doet nu plots moeilijk omdat zijn tante geen bloedverwant is. Zij is niet de echte tante van klager maar ze betekent wel veel voor klager waardoor klager haar beschouwt als zijn tante.
De klachtencommissie meent dat er geen discussie bestaat over het feit dat de twee personen waarmee klager familiaal bezoek wil, geen bloedverwanten zijn en dus vallen onder de categorie andere bezoekers uit artikel 59, §2 van de Basiswet. Wanneer klager dus bezoek van hen wil ontvangen, dient de directeur dit eerst toe te laten. De klachtencommissie meent dat er reeds een voorafgaande toelating door de directeur is gebeurd aangezien klager verklaard heeft dat zij reeds op tafelbezoek zijn gekomen in de gevangenis van Beveren. De directie heeft dit niet betwist. Klager wil echter familiaal bezoek ontvangen van hen, hetgeen een vorm is van ongestoord bezoek. Volgens de Basiswet kan de directie het ongestoord bezoek met andere bezoekers slechts tijdelijk weigeren in de vier gevallen zoals omschreven in de Basiswet. Het niet kunnen aantonen van een bepaalde verwantschap hoort daar niet bij.
Tot slot is in Collectieve Brief nr. 107 van 16 juni 2011 bepaald dat de door een directie gegeven bezoektoelating geldig is in alle gevangenissen waar de gedetineerde nadien tijdens eenzelfde detentie verblijft, tenzij de directie beschikt over nieuwe individuele aanwijzingen waaruit blijkt dat het bezoek de handhaving van de orde of de veiligheid in gevaar kan brengen. Klager heeft zowel in zijn klacht als tijdens de zitting verklaard dat zijn twee bezoekers reeds op familiaal bezoek zijn gekomen in de gevangenis van Leuven Hulp. De directie heeft dit niet betwist. De directie haalt geen nieuwe individuele aanwijzingen waaruit blijkt dat het familiaal bezoek van deze twee personen thans de handhaving van de orde of de veiligheid in gevaar kan brengen waardoor de toelating voor familiaal bezoek zoals verleend in de gevangenis van Leuven Hulp, ook geldt in de gevangenis van Beveren.
De klachtencommissie besluit dat de weigering van het familiaal bezoek onwettig was. Om deze redenen is de klacht gegrond. De klachtencommissie vernietigt de beslissing. De klachtencommissie bepaalt, in toepassing van artikel 158, §3, 2° van de Basiswet, dat haar uitspraak in de plaats treedt. Dit wil zeggen dat het familiaal bezoek opnieuw is toegelaten.