KC05/22-0103
Gegrond
KC - Brugge
Klachtencommissie
Bijzondere veiligheidsmaatregel
BIJZONDERE VEILIGHEIDSMAATREGEL
Er werd ten aanzien van klager een tuchtprocedure opgestart en een voorlopige maatregel opgelegd. De tuchtprocedure werd op het moment van de tuchtrechtelijke hoorzitting plots omgevormd tot een procedure tot toepassing van een bijzondere veiligheidsmaatregel.
De wet schrijft nochtans zeer duidelijk voor dat de tuchtprocedure en de procedure tot het opleggen van een BVM niet door elkaar kunnen lopen. De noodzaak tot het opleggen van een BVM kan pas beoordeeld worden na het volledig doorlopen van de tuchtprocedure en na uitvoering van de naar aanleiding van deze procedure opgelegde tuchtsanctie.
Artikel 111 van de Basiswet werd geschonden. De BVM is onwettig. De klacht is gegrond.
Er werd ten aanzien van klager een tuchtprocedure opgestart en een voorlopige maatregel opgelegd. De tuchtprocedure werd op het moment van de tuchtrechtelijke hoorzitting plots omgevormd tot een procedure tot toepassing van een bijzondere veiligheidsmaatregel.
De wet schrijft nochtans zeer duidelijk voor dat de tuchtprocedure en de procedure tot het opleggen van een BVM niet door elkaar kunnen lopen. De noodzaak tot het opleggen van een BVM kan pas beoordeeld worden na het volledig doorlopen van de tuchtprocedure en na uitvoering van de naar aanleiding van deze procedure opgelegde tuchtsanctie.
Artikel 111 van de Basiswet werd geschonden. De BVM is onwettig. De klacht is gegrond.