KC05/23-0013
Gegrond
Tegemoetkoming
Onontvankelijk
KC - Brugge
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
Tucht
Geen beslissing directeur
BEZOEK – TEGEMOETKOMING – GEEN BESLISSING DIRECTEUR – BEVOEGDHEID – TAAL
Klager heeft drie klachten ingediend.
De eerste klacht is gericht tegen een weigering tot ongestoord bezoek ten aanzien van klager. De klachtencommissie heeft geen zicht op welk personeelslid (een directeur, een beambte …) het ongestoord bezoek van klager heeft geweigerd. Klager stelt enkel dat zijn vrouw werd weggestuurd en hijzelf na de wandeling niet meer naar het bezoek mocht. De klachtencommissie is van oordeel dat de weigering van het ongestoord bezoek van klager in ieder geval minstens een beslissing namens de directeur betreft en deze dus beklagenswaardig is. De klachtencommissie heeft ook geen zicht op de redenen die aanleiding hebben gegeven tot de weigering van het ongestoord bezoek. De directeur kan het ongestoord bezoek slechts weigeren in bepaalde in de Basiswet omschreven gevallen. De directie stelt in haar verweer dat de klacht van klager gegrond is, aangezien hem onterecht een ongestoord bezoek werd geweigerd. De klachtencommissie ziet geen reden om hierover anders te oordelen. De klacht is ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie kent aan klager de tegemoetkoming toe van twee extra ongestoorde bezoeken, die moeten worden georganiseerd binnen een termijn van drie maanden na kennisgeving van de beslissing aan de directie.
De tweede klacht is gericht tegen het opstellen van twee RAD’s door een beambte. Het opmaken van een RAD betreft naar het oordeel van de klachtencommissie echter geen beslissing van de directeur, noch het verzuim of de weigering om een beslissing te nemen. Deze tweede klacht is niet ontvankelijk.
De derde klacht is gericht tegen een tuchtsanctie. Klager heeft het klachtenformulier over deze klacht volledig opgesteld in het Frans. Hoewel de klachtencommissie, net zoals de beroepscommissie, van oordeel is dat enige soepelheid aan de dag dient te worden gelegd met betrekking tot de taalvereiste, stelt de klachtencommissie vast dat klager en zijn raadsman er al in elf voorgaande dossiers op attent werden gemaakt dat klachten in de gevangenis van Brugge in principe in het Nederlands moeten worden opgesteld en klager zich hiervoor kan laten bijstaan. De klachtencommissie stelt bovendien vast dat klager zijn eerste en tweede klacht wel degelijk in het Nederlands heeft opgesteld, al dan niet door zich hierin te laten bijstaan. De derde klacht van klager is echter (opnieuw) louter in het Frans ingediend. Deze derde klacht is dan ook niet ontvankelijk.
Klager heeft drie klachten ingediend.
De eerste klacht is gericht tegen een weigering tot ongestoord bezoek ten aanzien van klager. De klachtencommissie heeft geen zicht op welk personeelslid (een directeur, een beambte …) het ongestoord bezoek van klager heeft geweigerd. Klager stelt enkel dat zijn vrouw werd weggestuurd en hijzelf na de wandeling niet meer naar het bezoek mocht. De klachtencommissie is van oordeel dat de weigering van het ongestoord bezoek van klager in ieder geval minstens een beslissing namens de directeur betreft en deze dus beklagenswaardig is. De klachtencommissie heeft ook geen zicht op de redenen die aanleiding hebben gegeven tot de weigering van het ongestoord bezoek. De directeur kan het ongestoord bezoek slechts weigeren in bepaalde in de Basiswet omschreven gevallen. De directie stelt in haar verweer dat de klacht van klager gegrond is, aangezien hem onterecht een ongestoord bezoek werd geweigerd. De klachtencommissie ziet geen reden om hierover anders te oordelen. De klacht is ontvankelijk en gegrond. De klachtencommissie kent aan klager de tegemoetkoming toe van twee extra ongestoorde bezoeken, die moeten worden georganiseerd binnen een termijn van drie maanden na kennisgeving van de beslissing aan de directie.
De tweede klacht is gericht tegen het opstellen van twee RAD’s door een beambte. Het opmaken van een RAD betreft naar het oordeel van de klachtencommissie echter geen beslissing van de directeur, noch het verzuim of de weigering om een beslissing te nemen. Deze tweede klacht is niet ontvankelijk.
De derde klacht is gericht tegen een tuchtsanctie. Klager heeft het klachtenformulier over deze klacht volledig opgesteld in het Frans. Hoewel de klachtencommissie, net zoals de beroepscommissie, van oordeel is dat enige soepelheid aan de dag dient te worden gelegd met betrekking tot de taalvereiste, stelt de klachtencommissie vast dat klager en zijn raadsman er al in elf voorgaande dossiers op attent werden gemaakt dat klachten in de gevangenis van Brugge in principe in het Nederlands moeten worden opgesteld en klager zich hiervoor kan laten bijstaan. De klachtencommissie stelt bovendien vast dat klager zijn eerste en tweede klacht wel degelijk in het Nederlands heeft opgesteld, al dan niet door zich hierin te laten bijstaan. De derde klacht van klager is echter (opnieuw) louter in het Frans ingediend. Deze derde klacht is dan ook niet ontvankelijk.