KC05/23-0041
Gegrond
Tegemoetkoming
KC - Brugge
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
VOORLOPIGE MAATREGEL – TEGEMOETKOMING
Klager heeft een klacht ingediend tegen een ‘beperkt regime’. Hij verblijft op de drugsvrije afdeling in de gevangenis. In afwachting van een tuchtprocedure werd ten aanzien van klager een beperkt regime opgelegd dat zeven dagen duurde. Dit regime – dat geen enkele juridische grondslag heeft in de Basiswet – bestond uit een combinatie van restricties, die gelijkaardig zijn als deze die in het kader van een in de Basiswet bedoelde ‘voorlopige maatregel’ kunnen worden opgelegd (het op cel blijven, een individuele wandeling …). Het beperkt regime is daarenboven nadrukkelijk geconcipieerd als een strikter regime in afwachting van een tuchtprocedure. Zodoende is voor de klachtencommissie duidelijk dat het beperkt regime de facto hetzelfde is als een voorlopige maatregel. Op de zitting van de klachtencommissie kwam naar voren dat bij het opleggen van een beperkt regime niet wordt vereist dat de in de Basiswet vermelde toepassingsvoorwaarden voor een voorlopige maatregel vervuld zijn. Daarnaast kan een beperkt regime klaarblijkelijk ook langer duren dan het in de Basiswet toegelaten absolute maximum van 72 uur. Klager zat immers gedurende zeven dagen onder het beperkt regime opgesloten. Een dergelijk beperkt regime is onwettig. De klacht is ontvankelijk en gegrond.
De klachtencommissie kent aan klager een tegemoetkoming toe van zeven uur gratis beltijd, die aan klager moeten worden toegekend binnen een termijn van drie maanden na kennisgeving van deze beslissing aan de directie. Dit betreft naar het oordeel van de klachtencommissie geen financiële vergoeding.
Klager heeft een klacht ingediend tegen een ‘beperkt regime’. Hij verblijft op de drugsvrije afdeling in de gevangenis. In afwachting van een tuchtprocedure werd ten aanzien van klager een beperkt regime opgelegd dat zeven dagen duurde. Dit regime – dat geen enkele juridische grondslag heeft in de Basiswet – bestond uit een combinatie van restricties, die gelijkaardig zijn als deze die in het kader van een in de Basiswet bedoelde ‘voorlopige maatregel’ kunnen worden opgelegd (het op cel blijven, een individuele wandeling …). Het beperkt regime is daarenboven nadrukkelijk geconcipieerd als een strikter regime in afwachting van een tuchtprocedure. Zodoende is voor de klachtencommissie duidelijk dat het beperkt regime de facto hetzelfde is als een voorlopige maatregel. Op de zitting van de klachtencommissie kwam naar voren dat bij het opleggen van een beperkt regime niet wordt vereist dat de in de Basiswet vermelde toepassingsvoorwaarden voor een voorlopige maatregel vervuld zijn. Daarnaast kan een beperkt regime klaarblijkelijk ook langer duren dan het in de Basiswet toegelaten absolute maximum van 72 uur. Klager zat immers gedurende zeven dagen onder het beperkt regime opgesloten. Een dergelijk beperkt regime is onwettig. De klacht is ontvankelijk en gegrond.
De klachtencommissie kent aan klager een tegemoetkoming toe van zeven uur gratis beltijd, die aan klager moeten worden toegekend binnen een termijn van drie maanden na kennisgeving van deze beslissing aan de directie. Dit betreft naar het oordeel van de klachtencommissie geen financiële vergoeding.