Ga verder naar de inhoud

KC05/24-0124

Ongegrond Gegrond KC - Brugge Klachtencommissie Andere beslissing directeur Tucht
TUCHT – CELMUTATIE

Klager heeft twee klachten ingediend.

De eerste klacht is gericht tegen een tuchtsanctie. Op de zitting van de klachtencommissie heeft klager verklaard dat hij eigenlijk akkoord gaat met de tuchtsanctie die hij gekregen heeft. Hij bekent het bezit van verboden substanties na een uitgaansvergunning. De eerste klacht is ontvankelijk, maar niet gegrond.

De tweede klacht is gericht tegen een interne mutatie van klager. Klager wijst erop dat de directie op de tuchtzitting de naam wilde weten voor wie klager verboden substanties moest binnenbrengen. Klager gaf de naam, maar vroeg om dan niet bij die persoon in de buurt op cel te moeten zitten. Hij kreeg daarop de cel toegewezen recht onder deze van de medegedetineerde. De klachtencommissie stelt vast dat hierover in het verslag van de tuchtzitting niets wordt vermeld. Zij stelt ook vast dat de directie geen enkel verweer heeft gevoerd over de tweede klacht van klager. De directie wenste ook niet te verschijnen op de zitting van de klachtencommissie, zodat zij hierover mondeling geen verdere duiding heeft gegeven. De klachtencommissie kan niet voorbijgaan aan het feit dat klager in de cel onder deze van de betrokken medegedetineerde, van wie hij de naam zou hebben genoemd, werd geplaatst. De klachtencommissie acht het voldoende aannemelijk gemaakt dat klager op de tuchtzitting wel degelijk de naam van de betrokken medegedetineerde heeft genoemd. De tweede klacht is ontvankelijk en gegrond.