KC05/26-0052
Onontvankelijk
KC - Brugge
Klachtencommissie
Geen beslissing directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - MEDISCH - FEITELIJK HANDELEN - PERSONEEL
Klager zet in haar klachtenformulier uiteen dat zij last had van een migraineaanval en niet meteen haar noodmedicatie mocht innemen hiervoor. Ze uit haar ongenoegen over de medische behandeling in de gevangenis. Ze dient bijkomend klacht in tegen de chef die een negatief advies over haar werkattitude heeft overgemaakt aan de directie.
De klachtencommissie is in principe niet bevoegd voor klachten van medische aard, aangezien dit geen beslissingen van de directeur zijn. De directie is ook niet verantwoordelijk voor de werking van de medische dienst. De inrichtingsarts en de verpleegkundigen staan immers niet onder het gezag van de directie.
Daarnaast kan beweerdelijk feitelijk handelen van een personeelslid niet in verbinding worden gebracht met een beslissing van de directeur. Uit de klacht blijkt niet dat klager de directie hierover heeft aangesproken en dat zij heeft nagelaten om dit voorval te onderzoeken, waardoor er ook geen sprake is van een verzuim van de directie.
De klacht is bijgevolg kennelijk niet-ontvankelijk.
Klager zet in haar klachtenformulier uiteen dat zij last had van een migraineaanval en niet meteen haar noodmedicatie mocht innemen hiervoor. Ze uit haar ongenoegen over de medische behandeling in de gevangenis. Ze dient bijkomend klacht in tegen de chef die een negatief advies over haar werkattitude heeft overgemaakt aan de directie.
De klachtencommissie is in principe niet bevoegd voor klachten van medische aard, aangezien dit geen beslissingen van de directeur zijn. De directie is ook niet verantwoordelijk voor de werking van de medische dienst. De inrichtingsarts en de verpleegkundigen staan immers niet onder het gezag van de directie.
Daarnaast kan beweerdelijk feitelijk handelen van een personeelslid niet in verbinding worden gebracht met een beslissing van de directeur. Uit de klacht blijkt niet dat klager de directie hierover heeft aangesproken en dat zij heeft nagelaten om dit voorval te onderzoeken, waardoor er ook geen sprake is van een verzuim van de directie.
De klacht is bijgevolg kennelijk niet-ontvankelijk.