KC05/26-0267
Gegrond
KC - Brugge
Klachtencommissie
Tucht
Fouille op het lichaam
FOUILLE LICHAAM - UITVOERING - TUCHT - DWANG
De beslissing tot fouillering op het lichaam is onwettig. De motivering bevat geen enkele individuele aanwijzing die een fouille op het lichaam rechtvaardigt. De beslissing in strijd met het verbod om stelselmatig een fouillering op het lichaam op te leggen bij een plaatsing in een veiligheidscel of strafcel, zonder dat het gedrag van de gedetineerde daartoe aanleiding geeft.
Ook de uitvoering van de fouille was onwettig. De fouille vond niet plaats in de daarvoor voorziene gesloten ruimte, maar in de veiligheidscel. Er werden handboeien gebruikt en er zijn aanwijzingen dat de fouille plaatsvond of zelfs werd uitgevoerd door personeelsleden van het andere geslacht.
Tot slot is ook de tuchtbeslissing onwettig. Klaagster werd schuldig bevonden aan 'het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties' en 'het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel' n.a.v. de volgende feiten: “druggerelateerde voorwerpen, verdachte substantie op cel + beschadigde beddengoed; weerspannigheid bij fouille voor plaatsing VC”.
Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting werd klaagster enkel gehoord over “weerspannigheid bij fouille voor plaatsing VC”.
De directie heeft op geen enkele manier aangetoond dat klaagster in het bezit was van druggerelateerde voorwerpen, verdachte substantie op cel en beschadigd beddengoed. De tuchtinbreuk ‘het bezit van of de handel in door krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties’ kon dan ook niet weerhouden worden.
Klaagster werd daarnaast gesanctioneerd voor ‘weerspannigheid bij fouille voor plaatsing VC’. Zowel de beslissing tot fouillering op het lichaam als de uitvoering daarvan, was echter onwettig. Daarnaast stelt de klachtencommissie vast dat het dossier geen beslissing van de directie tot plaatsing van klaagster in een beveiligde cel bevat, terwijl dit een beslissing is die enkel door de directie kan worden genomen. Dat klaagster zich verzette tegen een onwettige fysieke daad van dwang, kan niet gezien worden als een tuchtinbreuk. Klaagster kan niet gesanctioneerd worden voor het zich verzetten tegen een bevel of tegen een daad die op zichzelf onwettig was.
De beslissing tot fouillering op het lichaam is onwettig. De motivering bevat geen enkele individuele aanwijzing die een fouille op het lichaam rechtvaardigt. De beslissing in strijd met het verbod om stelselmatig een fouillering op het lichaam op te leggen bij een plaatsing in een veiligheidscel of strafcel, zonder dat het gedrag van de gedetineerde daartoe aanleiding geeft.
Ook de uitvoering van de fouille was onwettig. De fouille vond niet plaats in de daarvoor voorziene gesloten ruimte, maar in de veiligheidscel. Er werden handboeien gebruikt en er zijn aanwijzingen dat de fouille plaatsvond of zelfs werd uitgevoerd door personeelsleden van het andere geslacht.
Tot slot is ook de tuchtbeslissing onwettig. Klaagster werd schuldig bevonden aan 'het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties' en 'het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel' n.a.v. de volgende feiten: “druggerelateerde voorwerpen, verdachte substantie op cel + beschadigde beddengoed; weerspannigheid bij fouille voor plaatsing VC”.
Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting werd klaagster enkel gehoord over “weerspannigheid bij fouille voor plaatsing VC”.
De directie heeft op geen enkele manier aangetoond dat klaagster in het bezit was van druggerelateerde voorwerpen, verdachte substantie op cel en beschadigd beddengoed. De tuchtinbreuk ‘het bezit van of de handel in door krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties’ kon dan ook niet weerhouden worden.
Klaagster werd daarnaast gesanctioneerd voor ‘weerspannigheid bij fouille voor plaatsing VC’. Zowel de beslissing tot fouillering op het lichaam als de uitvoering daarvan, was echter onwettig. Daarnaast stelt de klachtencommissie vast dat het dossier geen beslissing van de directie tot plaatsing van klaagster in een beveiligde cel bevat, terwijl dit een beslissing is die enkel door de directie kan worden genomen. Dat klaagster zich verzette tegen een onwettige fysieke daad van dwang, kan niet gezien worden als een tuchtinbreuk. Klaagster kan niet gesanctioneerd worden voor het zich verzetten tegen een bevel of tegen een daad die op zichzelf onwettig was.