Ga verder naar de inhoud

KC06/25-0270

Gegrond Tegemoetkoming KC - Dendermonde Klachtencommissie Tucht
TUCHT - TERMIJN - CAMERABEELDEN - RECHT OP TEGENSPRAAK - TEGEMOETKOMING

Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen of de bedreiging daarmee. Volgens klager is er onder andere sprake van een schending van artikel 144, ยง5 want het tuchtrapport werd op 11.09.2025 opgesteld en klager werd pas op 15.09.2025 en 17.09.2025 gehoord. Volgens klager moet een gedetineerde 24 uur na het opstellen van een RAD (rapport aan de directeur) gehoord worden door de directie. In de Basiswet is bepaald dat indien de directeur meent dat de feiten een tuchtrechtelijk gevolg vereisen, de gedetineerde door afgifte van een formulier schriftelijk in kennis gesteld van de tenlastelegging, van het feit dat tegen hem een tuchtprocedure zal worden opgestart, dat hij zijn tuchtdossier kan raadplegen en dat hij gehoord zal worden op een door de directeur bepaalde dag en tijdstip. De directeur dient de gedetineerde te horen binnen zeven dagen na de overhandiging van dit formulier. Dit argument van klager kan dus niet worden bijgetreden.

Uit het verslag van de hoorzitting blijkt dat klager tegenover de directie had ontkend dat hij de medegedetineerde had geslagen. De directie had echter geen reden om te twijfelen aan de vaststellingen van haar personeel zoals weergegeven in het RAD. De directie verklaarde dat de camerabeelden werden opgeslagen. Klager wou de camerabeelden dan wel bekijken. De directie vond de beelden echter niet onmiddellijk terug waardoor de beslissing werd uitgesteld. De zitting werd twee dagen later hervat en de directie verklaarde de beelden intussen te hebben bekeken. Op de beelden was volgens haar duidelijk te zien dat klager een korte en krachtige slag had gegeven. Klager vroeg opnieuw naar de camerabeelden maar volgens de directie was het niet mogelijk om de beelden te laten afspelen in het lokaal. Uit de motivering van de tuchtbeslissing blijkt dat de camerabeelden een rol hebben gespeeld in de beoordeling van de feiten door de directie aangezien de camerabeelden werden gebruikt ter
verificatie van de waarachtigheid van het RAD. Indien de directeur zich voor het bewezen verklaren van de feiten steunt op camerabeelden, moeten deze camerabeelden in het licht van het recht op tegenspraak, worden getoond aan de gedetineerde.
In casu heeft de directie de camerabeelden niet laten zien aan klager en zijn advocaat hoewel zij dit uitdrukkelijk hebben gevraagd op beide tuchtrechtelijke hoorzittingen en de eerste tuchtrechtelijke hoorzitting met deze bedoeling werd uitgesteld. Van ICT-problemen was toen overigens geen sprake. De klachtencommissie besluit dat de tuchtbeslissing werd opgelegd in strijd met de rechten van verdediging van klager. Om deze reden is de klacht gegrond. Als tegemoetkoming voor de tien dagen ATV, kent de klachtencommissie 100 (honderd) minuten aan belwaarde toe.