ARBEID - ONTSLAG - ORDEMAATREGEL
De klacht betreft de ordemaatregel tot afzetting van werk (ontslagbeslissing) van 17 februari 2026 van de directie van de gevangenis van Dendermonde.
Klager stelt in zijn klacht dat hij na een tucht opnieuw aan het werk was en volgens een gesprek dat hij had ook mocht blijven werken. Twee dagen later wordt hij toch ontslagen en gemuteerd van vleugel.
De directie motiveerde waarom klager volgens haar niet langer beantwoordt aan de voor de arbeidspost gestelde vereisten. Er wordt met name verwezen naar het gegeven dat klager als diender tewerkgesteld was, maar hij deze functie niet kan uitoefenen van op een andere vleugel. Hoewel klager aanvankelijk dus terug mocht werken, werd hij alsnog omwille van de vrees voor verdere represailles en escalaties van vleugel gemuteerd, waardoor hij niet langer geschikt was voor de arbeidspost (gelet op het feit dat de functie van diender wordt uitgeoefend door iemand die op de vleugel verblijft).
De motivering stelt klager voldoende in staat om de reden van zijn ontslag te begrijpen en voldoet dan ook aan artikel 8 Basiswet. Volgens de klachtencommissie is de ontslagbeslissing bijgevolg wettelijk. De klachtencommissie acht de ontslagbeslissing ook redelijk, aangezien klager meteen bovenaan de wachtlijst wordt geplaatst. De klacht is ongegrond.
De klacht betreft de ordemaatregel tot afzetting van werk (ontslagbeslissing) van 17 februari 2026 van de directie van de gevangenis van Dendermonde.
Klager stelt in zijn klacht dat hij na een tucht opnieuw aan het werk was en volgens een gesprek dat hij had ook mocht blijven werken. Twee dagen later wordt hij toch ontslagen en gemuteerd van vleugel.
De directie motiveerde waarom klager volgens haar niet langer beantwoordt aan de voor de arbeidspost gestelde vereisten. Er wordt met name verwezen naar het gegeven dat klager als diender tewerkgesteld was, maar hij deze functie niet kan uitoefenen van op een andere vleugel. Hoewel klager aanvankelijk dus terug mocht werken, werd hij alsnog omwille van de vrees voor verdere represailles en escalaties van vleugel gemuteerd, waardoor hij niet langer geschikt was voor de arbeidspost (gelet op het feit dat de functie van diender wordt uitgeoefend door iemand die op de vleugel verblijft).
De motivering stelt klager voldoende in staat om de reden van zijn ontslag te begrijpen en voldoet dan ook aan artikel 8 Basiswet. Volgens de klachtencommissie is de ontslagbeslissing bijgevolg wettelijk. De klachtencommissie acht de ontslagbeslissing ook redelijk, aangezien klager meteen bovenaan de wachtlijst wordt geplaatst. De klacht is ongegrond.