Ga verder naar de inhoud

KC09/21-0031

Gegrond KC - Gent Klachtencommissie Tucht
TUCHT - TOEREKENBAARHEID

Om onderhevig te kunnen zijn aan tuchtmaatregelen dient de betrokken gedetineerde toerekeningsvatbaar te zijn voor de daden naar aanleiding waarvan de maatregel in kwestie wordt opgelegd. De directeur dient bij een tuchtbeslissing dus aan te tonen dat een persoon moreel aansprakelijk kan worden gehouden voor een tuchtrechtelijke inbreuk.
Wanneer de betrokken gedetineerde psychische problemen kent rust op de directie een extra (zorgvuldigheids)verplichting om na te gaan in welke mate de mentale gezondheidstoestand een impact heeft op de schuld van de gedetineerde. Uit alle elementen (uit de verklaringen van klager en zijn advocate en uit de verklaringen en bevindingen van de directeur) in dit dossier blijkt duidelijk dat het gedrag van klager volgt uit een psychiatrische problematiek. Klager kan door zijn problematiek niet schuldig bevonden worden aan de hem ten laste gelegde tuchtrechtelijke inbreuken. De klachtencommissie acht de tuchtsanctie onwettig.
Bovendien druist het opleggen van een strafcelsanctie na een zelfmoordpoging in tegen de internationale normen rond de menselijke waardigheid. In de mate dat de opgelegde strafcelsanctie na een zelfmoordpoging niet onwettig is, is ze in elk geval onredelijk.
De klacht is gegrond.