KC09/23-0031
Ongegrond
KC - Gent
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
CELMUTATIE
De beslissing tot (over)plaatsing van een gedetineerde in een bepaalde cel, ook al zou deze beslissing in bepaalde gevallen formeel uitbesteed worden aan andere diensten binnen de gevangenis (zoals het BAD), is minstens steeds een beslissing namens de directie of toch een beslissing die (mee) door de directie zou moeten worden genomen.
Wanneer de klachten over (over)plaatsing in een bepaalde cel te maken hebben met de overbevolkings- en grondslaperproblematiek, is de klachtencommissie van oordeel dat de zorgplicht van de directie van toepassing is.
De beslissing om klager tijdelijk als grondslaper in een cel te plaatsen was niet onwettig. Klager stelt dat hij in de cel waarin hij als grondslaper terechtkwam, in het totaal met 2 personen verbleef. Dit betekent dat, ook na aftrek van het sanitair gedeelte, elke gedetineerde over meer dan 3m² beschikte. Er is dus geen vermoeden dat het verblijf in de cel in strijd was met het verbod op onmenselijke behandeling. De klachtencommissie kan ook uit de andere omstandigheden die klager beschrijft geen schending van artikel 3 EVRM afleiden.
Klager beschikte over meer dan 3m² en kon de cel geregeld verlaten om te gaan werken en om aan sport te doen. Na 3 à 4 weken kon hij terug in een bed slapen. De klachtencommissie acht de beslissing in die omstandigheden ook niet onredelijk.
De klacht is ongegrond.
De beslissing tot (over)plaatsing van een gedetineerde in een bepaalde cel, ook al zou deze beslissing in bepaalde gevallen formeel uitbesteed worden aan andere diensten binnen de gevangenis (zoals het BAD), is minstens steeds een beslissing namens de directie of toch een beslissing die (mee) door de directie zou moeten worden genomen.
Wanneer de klachten over (over)plaatsing in een bepaalde cel te maken hebben met de overbevolkings- en grondslaperproblematiek, is de klachtencommissie van oordeel dat de zorgplicht van de directie van toepassing is.
De beslissing om klager tijdelijk als grondslaper in een cel te plaatsen was niet onwettig. Klager stelt dat hij in de cel waarin hij als grondslaper terechtkwam, in het totaal met 2 personen verbleef. Dit betekent dat, ook na aftrek van het sanitair gedeelte, elke gedetineerde over meer dan 3m² beschikte. Er is dus geen vermoeden dat het verblijf in de cel in strijd was met het verbod op onmenselijke behandeling. De klachtencommissie kan ook uit de andere omstandigheden die klager beschrijft geen schending van artikel 3 EVRM afleiden.
Klager beschikte over meer dan 3m² en kon de cel geregeld verlaten om te gaan werken en om aan sport te doen. Na 3 à 4 weken kon hij terug in een bed slapen. De klachtencommissie acht de beslissing in die omstandigheden ook niet onredelijk.
De klacht is ongegrond.