Ga verder naar de inhoud

KC09/24-0055

Ongegrond KC - Gent Klachtencommissie Ordemaatregel
ORDEMAATREGEL - ARBEID - ONTSLAG

De klacht is gericht tegen een beslissing van de directie van de gevangenis waarbij klaagster werd afgezet van haar werk in de winkel.

De bevoegdheid van de directie met betrekking tot het toewijzen of afnemen van werk wordt niet nader geregeld in de wet waardoor ook de beslissingen die zij in dat kader kan nemen niet aan specifieke wettelijke voorwaarden dienen te voldoen. In de richtlijnen van de Directie Juridische Dienst (van DG EPI) van 18 juni 2015 over “Arbeid – tucht – veiligheidsmaatregel” worden evenwel 4 mogelijke situaties beschreven, die elk met bepaalde gevolgen gepaard gaan. Het ontslag van klaagster kadert duidelijk in de tweede situatie van de dienstnota: klaagster werd niet (langer) geschikt bevonden voor het werk omdat ze verschillende keren niet zoals afgesproken ging douchen voor het werk aan te vatten of hier moeilijk over deed, of nog in bed lag op het moment dat ze moest gaan werken.

De beslissing tot ontslag werd genomen door middel van een schriftelijk gemotiveerde ordemaatregel. De beslissing is gebaseerd op duidelijke RAD’s. Klaagster was ervan op de hoogte dat ze moet douchen en op tijd klaar moet zijn. De problemen deden zich herhaaldelijk voor.
Klaagster kon zich meteen kandidaat stellen voor een andere functie als fatiek of diender binnen de inrichting.
De klachtencommissie acht het ontslag van klaagster dan ook niet onwettig, onredelijk of onevenredig. De klacht is ongegrond.