Ga verder naar de inhoud

KC09/25-0180

Gegrond KC - Gent Klachtencommissie Tucht
TUCHT - GEÏNTERNEERDE - TOEREKENBAARHEID - MOTIVERING

De klacht betreft de tuchtbeslissing van 11 april 2025 van de gevangenis van Gent.

De Basiswet stelt dat een gedetineerde (in dit geval: geïnterneerde) enkel schuldig kan worden verklaard aan de hem ten laste gelegde tuchtinbreuk “wanneer de directeur, op grond van al het bewijsmateriaal waarover hij beschikt, de ten laste feiten bewezen acht én de daarvoor ter verantwoording geroepen gedetineerde daaraan schuldig acht.” De daden die gedetineerden stellen tijdens de uitvoering van hun internering, zoals daden die een tuchtinbreuk kunnen uitmaken, zijn evenwel niet zomaar toerekenbaar aan de geïnterneerde. De verantwoordelijkheid voor de feiten, die voor het opleggen van een tuchtsanctie vereist is, ontbreekt mogelijks bij de geïnterneerde. De Basiswet stelt dat de directeur zich alle nuttige informatie laat bezorgen voor de beoordeling van de zaak. Het is dus aan de directeur om in eerste instantie na te gaan of een gedetineerde al dan niet een interneringsstatuut heeft.

De bestreden tuchtbeslissing ten aanzien van klager werd gemotiveerd. De directie motiveert hiermee niet waarom de feiten, ondanks het statuut van klager als
geïnterneerde, aan klager konden worden toegerekend. Er wordt verwezen naar het RAD en naar de vaststellingen door de beambte, maar er worden geen documenten of verklaringen toegevoegd waaruit meer duidelijkheid kon blijken over de toestand van klager op het moment van het plegen van de tuchtrechtelijke inbreuk. Gezien klager geïnterneerd is, is er minstens een vermoeden dat zijn handelen het gevolg is van een (psychiatrische) problematiek. Er wordt echter niet aangehaald met welke psychiatrische problemen klager kampte of wat de gevolgen daarvan konden zijn. Het is dan ook een raadsel hoe de directie heeft geoordeeld dat de (psychiatrische) problematiek van klager géén impact op zijn gedrag had.

De tuchtbeslissing voldoet niet aan de wettelijke voorwaarden, waardoor de klacht gegrond is. De tuchtbeslissing dient te worden vernietigd en moet geschrapt worden uit het tuchtregister van klager. De klachtencommissie draagt de directie op om de tenuitvoerlegging van de sanctie met onmiddellijke ingang stop te zetten.