TUCHT - BEWIJS - MEERPERSOONSCEL - GEÏNTERNEERDE - TOEREKENBAARHEID - TEGEMOETKOMING
Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd omdat vanuit de cel waarin hij verbleef afval naar buiten zou zijn gegooid. De beambte die hiervan melding maakte, kon evenwel niet vaststellen welke van de verschillende celgenoten daarbij betrokken waren.
De klachtencommissie oordeelt dat het aan de directie toekomt om te bewijzen dat de tuchtinbreuk individueel aan klager kan worden toegerekend. De directie kan deze bewijslast niet omkeren door te verwijzen naar het feit dat klager niet persoonlijk op de hoorzitting verscheen en geen elementen in zijn voordeel aanbracht. Bovendien werd klager tijdens de hoorzitting vertegenwoordigd door zijn advocaat, die wees op zijn statuut van geïnterneerde en verzocht hiermee rekening te houden. De klachtencommissie merkt op dat de directie dit statuut in haar tuchtbeslissing niet bespreekt.
Nu niet is aangetoond dat klager persoonlijk betrokken was bij het buitengooien van het afval, bevat het dossier onvoldoende bewijs om hem de tuchtinbreuk individueel toe te rekenen.
De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing en kent aan klager een tegemoetkoming van 50 belminuten toe. Anders dan de directie aanvoert, betreft dit geen financiële tegemoetkoming die door de Basiswet is uitgesloten.
Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd omdat vanuit de cel waarin hij verbleef afval naar buiten zou zijn gegooid. De beambte die hiervan melding maakte, kon evenwel niet vaststellen welke van de verschillende celgenoten daarbij betrokken waren.
De klachtencommissie oordeelt dat het aan de directie toekomt om te bewijzen dat de tuchtinbreuk individueel aan klager kan worden toegerekend. De directie kan deze bewijslast niet omkeren door te verwijzen naar het feit dat klager niet persoonlijk op de hoorzitting verscheen en geen elementen in zijn voordeel aanbracht. Bovendien werd klager tijdens de hoorzitting vertegenwoordigd door zijn advocaat, die wees op zijn statuut van geïnterneerde en verzocht hiermee rekening te houden. De klachtencommissie merkt op dat de directie dit statuut in haar tuchtbeslissing niet bespreekt.
Nu niet is aangetoond dat klager persoonlijk betrokken was bij het buitengooien van het afval, bevat het dossier onvoldoende bewijs om hem de tuchtinbreuk individueel toe te rekenen.
De klacht is gegrond. De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing en kent aan klager een tegemoetkoming van 50 belminuten toe. Anders dan de directie aanvoert, betreft dit geen financiële tegemoetkoming die door de Basiswet is uitgesloten.