KC10/22-0099
Ongegrond
Gegrond
Onontvankelijk
KC - Hasselt
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
Geen beslissing directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - BEZOEK - KANTINE
Volgens de klachtencommissie kan het niet beantwoorden van een vraag over de kantineprocedure niet beschouwd worden als een beslissing of een verzuim om een beslissing te nemen in de zin van artikel 148 Basiswet. De klacht is niet-ontvankelijk.
Ondanks het gegeven dat de weigeringsbeslissing niet meer voorhanden is, en de motieven van deze beslissing dus ook niet getoetst kunnen worden, oordeelt de klachtencommissie dat een weigering om CD’s en DVD’s te mogen binnenbrengen via het bezoek in elk geval correct zou zijn, nu CD’s en DVD’s niet opgenomen zijn in de limitatieve lijst van voorwerpen die via het bezoek mogen worden binnengebracht, zoals opgenomen in het huishoudelijk reglement. De weigering kan dan ook in elk geval overeind blijven. De klacht is ongegrond.
Volgens de klachtencommissie is het gegeven dat klager lang moet wachten op de levering van een DVD een louter praktisch gegeven, dat niet beschouwd kan worden als een beslissing of een verzuim om een beslissing te nemen in de zin van artikel 148 Basiswet. De klacht is niet-ontvankelijk.
Een beslissing tot weigering om een voorwerp via de buitenkantine te mogen aankopen valt onder het toepassingsgebied van het beklagrecht. Doordat de directie nalaat om het volledige administratief dossier voor te leggen, besluit de klachtencommissie, in navolging van de rechtspraak van de Raad van State, dat de afwezigheid van een dossier gelijkgesteld wordt met de afwezigheid van deugdelijke motieven waarop de bestreden beslissing is gesteund (RvS 29 januari 2014 nr. 226 252). De klacht is gegrond. De beslissing wordt vernietigd. De directie moet binnen de 7 dagen volgend op de betekening van deze uitspraak een nieuwe beslissing nemen.
Volgens de klachtencommissie kan het niet beantwoorden van een vraag over de kantineprocedure niet beschouwd worden als een beslissing of een verzuim om een beslissing te nemen in de zin van artikel 148 Basiswet. De klacht is niet-ontvankelijk.
Ondanks het gegeven dat de weigeringsbeslissing niet meer voorhanden is, en de motieven van deze beslissing dus ook niet getoetst kunnen worden, oordeelt de klachtencommissie dat een weigering om CD’s en DVD’s te mogen binnenbrengen via het bezoek in elk geval correct zou zijn, nu CD’s en DVD’s niet opgenomen zijn in de limitatieve lijst van voorwerpen die via het bezoek mogen worden binnengebracht, zoals opgenomen in het huishoudelijk reglement. De weigering kan dan ook in elk geval overeind blijven. De klacht is ongegrond.
Volgens de klachtencommissie is het gegeven dat klager lang moet wachten op de levering van een DVD een louter praktisch gegeven, dat niet beschouwd kan worden als een beslissing of een verzuim om een beslissing te nemen in de zin van artikel 148 Basiswet. De klacht is niet-ontvankelijk.
Een beslissing tot weigering om een voorwerp via de buitenkantine te mogen aankopen valt onder het toepassingsgebied van het beklagrecht. Doordat de directie nalaat om het volledige administratief dossier voor te leggen, besluit de klachtencommissie, in navolging van de rechtspraak van de Raad van State, dat de afwezigheid van een dossier gelijkgesteld wordt met de afwezigheid van deugdelijke motieven waarop de bestreden beslissing is gesteund (RvS 29 januari 2014 nr. 226 252). De klacht is gegrond. De beslissing wordt vernietigd. De directie moet binnen de 7 dagen volgend op de betekening van deze uitspraak een nieuwe beslissing nemen.