Ga verder naar de inhoud

KC10/25-0076

Gegrond KC - Hasselt Klachtencommissie Andere beslissing directeur
CELMUTATIE - GEZONDHEID

De klacht betreft het feit dat klager in de gevangenis van Hasselt als niet-roker bij een roker dient te verblijven.

De klachtencommissie verklaart een klacht gegrond wanneer de beslissing waarover geklaagd wordt:

- In strijd is met een in de gevangenis geldend wettelijk voorschrift of met een bindende bepaling van een in België geldend verdrag; of
- Bij afweging van alle in aanmerking komende belangen, onredelijk of onbillijk moeten worden geacht.

Artikel 3 EVRM verbiedt onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens oordeelde in dat kader dat een staat verplicht is maatregelen te nemen om een gedetineerde te beschermen tegen de schadelijke effecten van passief roken wanneer medische onderzoeken of doktersadviezen aanwijzen dat dit noodzakelijk is vanuit gezondheidsoverwegingen. Indien onvoldoende maatregelen worden genomen, kan dit een schending van artikel 3 EVRM uitmaken.

In voorliggend dossier dient klager de hele dag passief mee te roken met zijn celgenoot en kampt klager met slaapproblemen. De directie betwist niet dat klager een niet-roker is. De klachtencommissie is van oordeel dat de eindverantwoordelijkheid voor het plaatsen van niet-rokers en rokers samen in een cel, bij de directie ligt. De directie heeft naar het oordeel van de klachtencommissie onvoldoende verduidelijkt of zij voldoende inspanningen geleverd heeft of maatregelen getroffen heeft opdat klager niet werd blootgesteld aan passief roken.

De klacht is dan ook gegrond. De klachtencommissie draagt de directie op om klager – voor zover dit nog niet gebeurd is – onmiddellijk een verblijfsruimte toe te wijzen, waarbij klager zijn cel niet langer deelt met een roker.