Ga verder naar de inhoud

KC10/26-0003

Gegrond KC - Hasselt Klachtencommissie Andere beslissing directeur
SCHADE - REKENDIENST

In het voorliggend dossier werd er een bedrag verhaald op klager zijn individuele rekening. Aangezien klager de schade betwist, meent de klachtencommissie te kunnen besluiten dat er sprake is van een afhouding zonder toestemming van klager. Aangezien de directie nalaat enig dossierstuk over te maken kan de klachtencommissie niet nagaan of de beslissing van de boekhouding wettelijk en redelijk was. De klachtencommissie kan met name niet nagaan of klager de schade verschuldigd was en of ze werd afgehouden van geldsommen verschuldigd door de penitentiaire administratie waarbij rekening gehouden werd met de maximale inhouding van 40% op het uit te betalen bedrag (artikel 104/1 Basiswet).

De klachtencommissie besluit in navolging van de rechtspraak van de Raad van State (RvS 29 januari 2014, nr. 226.252) dat de afwezigheid van een administratief dossier wordt gelijkgesteld met de afwezigheid van deugdelijke motieven waarop de bestreden beslissing is gesteund. Om deze reden is de klacht gegrond. De bestreden beslissing wordt vernietigd.

Teneinde de gevolgen van de vernietigde beslissing ongedaan te maken (artikel 158, ยง4 Basiswet) dient het reeds afgehouden bedrag tot terugbetaling van schade aan klager terugbetaald te worden.