Ga verder naar de inhoud

KC10/26-0101

Ongegrond KC - Hasselt Klachtencommissie Andere beslissing directeur
BEVOEGDHEID - GEZONDHEID - ARBEID - VORM - ONTSLAG

In haar eerste klachtenformulier heeft klager geschreven dat ze met een hele hoop medische klachten zit en niet de nodige hulp krijgt. Ze heeft bovendien ook een klacht over het niet correct uitbetalen van haar loon. De klachtencommissie is alleen bevoegd om klachten van gedetineerden te behandelen die gericht zijn tegen beslissingen die werden genomen door of namens de directie ten aanzien van de klager. De klacht moet bovendien tijdig worden ingediend en nauwkeurig omschreven zijn. Bijgevolg is de klachtencommissie niet bevoegd voor medische klachten omdat dit geen beslissingen zijn van de directie, noch is de directie verantwoordelijk voor de werking van de gevangenisarts en de medische dienst. Wat betreft de klacht over de uitbetaling van haar loon is klager dermate beknopt dat de klachtencommissie onvoldoende info heeft om na te gaan wat zij hiermee bedoelt en wat er niet correct zou zijn. Om deze redenen is de klacht niet-ontvankelijk.

In haar tweede klachtenformulier schrijft klager dat ze vindt dat ze oneerlijk behandeld is waardoor ze is ontslagen van haar job. Uit de ontslagbeslissing blijkt dat een beambte een voorstel tot ontslag had ingediend nadat een rapport aan de directeur (RAD) was opgesteld omwille van de vaststelling dat klager bezoeklijsten had weggenomen en verstopt waardoor het vertrouwen was geschonden. De klachtencommissie heeft ook kennisgenomen van dit RAD. De klachtencommissie meent dat de directie op basis van deze vaststellingen terecht heeft besloten dat het vertrouwen in klager was geschonden, hetgeen net cruciaal was voor de job die ze deed, namelijk poetsen van de bezoekzaal. Om deze reden is de klacht tegen de ontslagbeslissing ongegrond. De ontslagbeslissing blijft bestaan.