Ga verder naar de inhoud

KC12/25-0012

Gegrond KC - Ieper Klachtencommissie Voorlopige maatregel Tucht
VOORLOPIGE MAATREGEL - TUCHT - VERBODEN SUBSTANTIES - MOTIVERING - FOUILLE OP HET LICHAAM

De klacht betreft een voorlopige maatregel en een tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis van Ieper.

De klachtencommissie merkt op dat de motivering van de voorlopige maatregel zich beperkt tot het feit dat er een verboden substantie werd aangetroffen op klagers lichaam. Er wordt echter geen enkel individueel element aangehaald waaruit blijkt dat klagers gedrag de fysieke integriteit van personen in het gevaar brengt, dan wel de goede staat van roerende of onroerende goederen. Uit de motivering blijkt niet dat klager een verboden substantie tot zich had genomen of zich op één of andere manier agressief gedroeg, in welk geval zijn gedrag wél als een gevaar voor de interne veiligheid zou kunnen worden beschouwd. De klachtencommissie meent dan ook dat de feiten geen voorlopige maatregel rechtvaardigen.

Tot slot merkt de klachtencommissie op dat de voorlopige maatregel niet ondertekend werd door klager. Er wordt evenmin melding gemaakt van het feit dat hij weigerde te tekenen. De klachtencommissie kan hierdoor niet nagaan of de voorlopige maatregel ter kennis werd gebracht aan klager. De klachtencommissie meent dan ook dat de klacht gegrond is.

De klacht inzake de tuchtbeslissing:
Uit het dossier blijkt dat de tuchtbeslissing integraal gebaseerd is op de vondst van de verboden substantie tijdens de naaktfouille. De klachtencommissie merkt op dat de desbetreffende naaktfouille niet gemotiveerd werd. Wegens een gebrek aan motivering, is de naaktfouille aldus onwettig. Deze onwettigheid tast het daaruit voortvloeiende bewijs aan. Echter, volgens de Raad van State impliceert de onregelmatigheid van een beslissing tot naaktfouille niet noodzakelijkerwijs de onwettigheid van de opgelegde tuchtmaatregel, mits deze gebaseerd is op andere elementen die op regelmatige wijze zijn verkregen. Zoals reeds vermeld, is de tuchtbeslissing in voorliggende zaak integraal gebaseerd op de vondst van de verboden substantie tijdens de (onwettige) naaktfouille. De klachtencommissie kan dan ook niet anders dan de tuchtbeslissing onwettig te verklaren, wegens onvoldoende rechtmatig verkregen bewijs. De klacht is gegrond. De bestreden tuchtbeslissing wordt vernietigd en de directie dient deze te schrappen uit klagers tuchtregister.