TUCHT - SANCTIE
De klachten zijn gericht tegen een tuchtbeslissing uitgesproken door de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.
Wat betreft tuchtbeslissingen, kan de gedetineerde alleen schuldig worden verklaard aan de hem ten laste gelegde tuchtinbreuk wanneer de directie, op grond van al het bewijsmateriaal waarover zij beschikt, de ten laste gelegde feiten bewezen acht en de daarvoor ter verantwoording geroepen gedetineerde daaraan schuldig acht.3 De directie heeft hierbij een discretionaire bevoegdheid.
Klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan de inbreuk van de tweede categorie “het zich zonder toelating bevinden in een ruimte buiten de toegestane tijdsperiode of in een ruimte die men niet gerechtigd is te betreden”.
De directie heeft voldoende gemotiveerd en verduidelijkt dat klager zich op het moment van de feiten zich zonder toelating bevond in een ruimte (een cel van een medegedetineerde tijdens een gesloten moment) die hij niet gerechtigd was te betreden. De klachtencommissie acht de tuchtinbreuk dan ook bewezen en meent dat de directie deze aan klager kon toerekenen.
Klager kon voor deze tuchtinbreuken maximaal 15 dagen ATV krijgen. Klager kreeg 6 dagen ATV wat overkomt als een redelijke tuchtsanctie die in verhouding staat tot de gepleegde inbreuken. Bijgevolg zijn de klachten ongegrond.
De klachten zijn gericht tegen een tuchtbeslissing uitgesproken door de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.
Wat betreft tuchtbeslissingen, kan de gedetineerde alleen schuldig worden verklaard aan de hem ten laste gelegde tuchtinbreuk wanneer de directie, op grond van al het bewijsmateriaal waarover zij beschikt, de ten laste gelegde feiten bewezen acht en de daarvoor ter verantwoording geroepen gedetineerde daaraan schuldig acht.3 De directie heeft hierbij een discretionaire bevoegdheid.
Klager kreeg in voorliggende zaak een tuchtsanctie omdat hij door de directeur schuldig werd bevonden aan de inbreuk van de tweede categorie “het zich zonder toelating bevinden in een ruimte buiten de toegestane tijdsperiode of in een ruimte die men niet gerechtigd is te betreden”.
De directie heeft voldoende gemotiveerd en verduidelijkt dat klager zich op het moment van de feiten zich zonder toelating bevond in een ruimte (een cel van een medegedetineerde tijdens een gesloten moment) die hij niet gerechtigd was te betreden. De klachtencommissie acht de tuchtinbreuk dan ook bewezen en meent dat de directie deze aan klager kon toerekenen.
Klager kon voor deze tuchtinbreuken maximaal 15 dagen ATV krijgen. Klager kreeg 6 dagen ATV wat overkomt als een redelijke tuchtsanctie die in verhouding staat tot de gepleegde inbreuken. Bijgevolg zijn de klachten ongegrond.