KC16/25-0171
Ongegrond
Gegrond
KC - Leuven Centraal
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
Tucht
TUCHT - PUNTENSYSTEEM
De klacht betreft een tuchtbeslissing en een beslissing tot toekenning van drie punten genomen door de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.
Over de tuchtbeslissing: de klachtencommissie stelt vast dat er geen betwisting bestaat over het feit dat klager de instructies van het personeelslid niet heeft nageleefd. Hij diende dringend naar toilet te gaan en is daarom in de roeffelzaal naar het toilet gegaan. De klachtencommissie besluit dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager. De klachtencommissie meent dat klager geen argumenten opwerpt die aan de vaststellingen opgenomen in het RAD zouden doen twijfelen.
De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van zeven dagen glasbezoek. Voor een tuchtinbreuk van tweede categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie vijftien dagen glasbezoek. De tuchtsanctie was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was gelet op de houding van klager. Om deze redenen is de klacht kennelijk ongegrond.
Over de punten: de klachtencommissie meent dat de beslissing tot toekenning van drie punten bovendien niet individueel werd gemotiveerd. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel de datum van de tuchtbeslissing, het aantal punten en het puntensaldo naderhand worden ingevuld. Deze mededeling is algemeen en vaag en bevat geenszins de redenen waarom het in het kader van de orde en de veiligheid noodzakelijk was dat klager, bovenop zijn tuchtsanctie, drie punten kreeg toegekend.
Om deze redenen is de klacht gegrond. de klachtencommissie vernietigt de beslissing tot toekenning van drie punten. Artikel 158, ยง 4, eerste lid van de Basiswet bepaalt dat de directeur de gevolgen van de vernietigde beslissing, voor zover mogelijk, ongedaan maakt. Dit betekent dat klager terug moet worden overgeplaatst naar het open regime van zodra er plaats is. Bijgevolg komt de gegrondverklaring van de klacht over het puntensysteem overeen met de gevraagde tegemoetkoming van klager zodat de klachtencommissie geen andere tegemoetkoming toekent.
De klacht betreft een tuchtbeslissing en een beslissing tot toekenning van drie punten genomen door de directie van de gevangenis van Leuven Centraal.
Over de tuchtbeslissing: de klachtencommissie stelt vast dat er geen betwisting bestaat over het feit dat klager de instructies van het personeelslid niet heeft nageleefd. Hij diende dringend naar toilet te gaan en is daarom in de roeffelzaal naar het toilet gegaan. De klachtencommissie besluit dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager. De klachtencommissie meent dat klager geen argumenten opwerpt die aan de vaststellingen opgenomen in het RAD zouden doen twijfelen.
De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van zeven dagen glasbezoek. Voor een tuchtinbreuk van tweede categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie vijftien dagen glasbezoek. De tuchtsanctie was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was gelet op de houding van klager. Om deze redenen is de klacht kennelijk ongegrond.
Over de punten: de klachtencommissie meent dat de beslissing tot toekenning van drie punten bovendien niet individueel werd gemotiveerd. Iedere gedetineerde krijgt hetzelfde puntenbriefje waar enkel de datum van de tuchtbeslissing, het aantal punten en het puntensaldo naderhand worden ingevuld. Deze mededeling is algemeen en vaag en bevat geenszins de redenen waarom het in het kader van de orde en de veiligheid noodzakelijk was dat klager, bovenop zijn tuchtsanctie, drie punten kreeg toegekend.
Om deze redenen is de klacht gegrond. de klachtencommissie vernietigt de beslissing tot toekenning van drie punten. Artikel 158, ยง 4, eerste lid van de Basiswet bepaalt dat de directeur de gevolgen van de vernietigde beslissing, voor zover mogelijk, ongedaan maakt. Dit betekent dat klager terug moet worden overgeplaatst naar het open regime van zodra er plaats is. Bijgevolg komt de gegrondverklaring van de klacht over het puntensysteem overeen met de gevraagde tegemoetkoming van klager zodat de klachtencommissie geen andere tegemoetkoming toekent.