KC16/25-0284
Onontvankelijk
KC - Leuven Centraal
Klachtencommissie
Geen beslissing directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - EXTERNE RECHTSPOSITIE
De zoon van klager ligt in het ziekenhuis na een val van de trap. Hij diende één nacht te blijven in het ziekenhuis. Klager had daarom gevraagd of het mogelijk was om naar het ziekenhuis te mogen en hij kreeg als reactie dat men dat niet ging toelaten wegens personeelstekort. De klachtencommissie meent dat klager enkel de gevangenis kon verlaten om zijn zoon in het ziekenhuis te bezoeken via een occasionele uitgangsvergunning. De toekenning van een uitgangsvergunning valt onder de regeling van de 'externe rechtspositie' van de gedetineerde. De klachtencommissie is overeenkomstig de Basiswet alleen bevoegd om te oordelen over beslissingen van of namens de directie (of het verzuim of de weigering om een beslissing te nemen) in verband met de ‘interne rechtspositie’ of met zijn bejegening binnen de gevangenis. De klachtencommissie is dan ook niet bevoegd om te oordelen over de weigering van een uitgangsvergunning, waarover overigens niet de gevangenisdirectie, maar de dienst Detentiebeheer (DDB) van het directoraat-generaal beslist, ook al steunt die beslissing op een advies van de directie. Om deze redenen is de klacht niet-ontvankelijk.
De zoon van klager ligt in het ziekenhuis na een val van de trap. Hij diende één nacht te blijven in het ziekenhuis. Klager had daarom gevraagd of het mogelijk was om naar het ziekenhuis te mogen en hij kreeg als reactie dat men dat niet ging toelaten wegens personeelstekort. De klachtencommissie meent dat klager enkel de gevangenis kon verlaten om zijn zoon in het ziekenhuis te bezoeken via een occasionele uitgangsvergunning. De toekenning van een uitgangsvergunning valt onder de regeling van de 'externe rechtspositie' van de gedetineerde. De klachtencommissie is overeenkomstig de Basiswet alleen bevoegd om te oordelen over beslissingen van of namens de directie (of het verzuim of de weigering om een beslissing te nemen) in verband met de ‘interne rechtspositie’ of met zijn bejegening binnen de gevangenis. De klachtencommissie is dan ook niet bevoegd om te oordelen over de weigering van een uitgangsvergunning, waarover overigens niet de gevangenisdirectie, maar de dienst Detentiebeheer (DDB) van het directoraat-generaal beslist, ook al steunt die beslissing op een advies van de directie. Om deze redenen is de klacht niet-ontvankelijk.