Ga verder naar de inhoud

KC17/23-0064

Ongegrond KC - Leuven Hulp Klachtencommissie Andere beslissing directeur
ONGESTOORD BEZOEK - MOTIVERING

De klacht is gericht tegen een weigering van ongestoord familie- en partner bezoek.

De klachtencommissie merkt vooreerst op dat de weigering tot ongestoord familie- en partner bezoek op dezelfde gronden berust. De weigering tot ongestoord familiebezoek is een afgeleide van de weigering tot ongestoord partner bezoek. Daarom behandelt de klachtencommissie de weigering van ongestoord familie- en partner bezoek samen.

De beslissing tot weigering van ongestoord bezoek is gebaseerd op twee argumenten:
- de kwetsbaarheid van klagers partner omwille van haar minderjarigheid;
- de tegenindicaties met betrekking tot de persoonlijkheid van klager, met name het plegen van meerdere strafbare feiten en een gebrek aan stabiel netwerk.

Uit de Basiswet volgt dat de directie de verantwoordelijkheid draagt voor de veiligheid van klagers minderjarige partner binnen de gevangenis. De directeur dient namelijk de orde en veiligheid in de gevangenis te waarborgen. De (interne) veiligheid slaat niet enkel op de vrijwaring van de fysieke integriteit van gedetineerden, maar van “personen” in het algemeen. De klachtencommissie meent dat de directie de kwetsbaarheid van de minderjarige partner in aanmerking kan nemen bij het nemen van beslissingen, zoals een weigering tot ongestoord bezoek.

Daarnaast voorziet artikel 59, §2, tweede lid, 3° van de Basiswet in een uitdrukkelijke weigeringsgrond wanneer de persoonlijkheid van de gedetineerde een contra-indicatie vormt. Hieronder kunnen “de tegenindicaties met betrekking tot de persoonlijkheid van klager” vallen.

De beslissing tot weigering van ongestoord familie- en partner bezoek is aldus wettelijk.

De klachtencommissie onderzoekt ook de redelijkheid van de beslissing. Redelijkheid vereist dat de directie een afweging maakt van alle relevante elementen van het dossier: de kwetsbaarheid van de minderjarige partner van klager, de tegenindicaties in hoofde van klager, maar ook de ouderlijke toestemming.

De klachtencommissie meent dat de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de minderjarige partner bij uitstek een verantwoordelijkheid van de ouders is en de directie hiermee rekening dient te houden. Uit de beslissing tot weigering van ongestoord familie- en partnerbezoek blijkt dat de directie wel degelijk rekening heeft gehouden met de ouderlijke toestemming. De directie meent echter dat de kwetsbaarheid van de minderjarige partner en de tegenindicaties met betrekking tot de persoonlijkheid van de klager zwaarder doorwegen. Uit het strafregister van klager blijkt dat klager meerdere strafrechtelijke veroordelingen voor diverse geweldsmisdrijven heeft.

De klachtencommissie is van oordeel dat de weigering tot ongestoord familie- en partnerbezoek redelijk is, ondanks de ouderlijke toestemming.

De klacht is ongegrond.