KC17/24-0015
Gegrond
Onontvankelijk
KC - Leuven Hulp
Klachtencommissie
Andere beslissing directeur
DEPONERING GOEDEREN
Klager beklaagt zich over twee zaken:
- het feit dat hem woorden in de mond worden gelegd
- een ontneming van zijn trui
1. Het feit dat hem woorden in de mond worden gelegd
Het is onduidelijk over welke beslissing klager zich beklaagt wanneer hij aanhaalt dat er “woorden in zijn mond worden gelegd”. Bovendien is ook niet duidelijk door wie deze woorden in klagers mond worden gelegd. De klacht is niet-ontvankelijk.
2. De ontneming van zijn trui
De deponering van goederen is onwettig, wegens gebrek aan wettelijke basis in de Basiswet. De directie wijst op de vlotte organisatie van de activiteiten (orde) en veiligheid, om te verantwoorden waarom klagers trui werd afgenomen. Artikel 105, §2 van de Basiswet, dat de verantwoordelijkheid van de directie inzake orde en veiligheid beschrijft, bevat slechts een algemeen beginsel. Het inrichtingshoofd ontleent aan deze bepaling geen bevoegdheid om welbepaalde maatregelen te nemen, zoals de deponering van goederen. Het ontnemen van goederen kan volgens de Basiswet enkel door middel van een bijzondere veiligheidsmaatregel of tuchtmaatregel.
De klacht is gegrond.
Klager beklaagt zich over twee zaken:
- het feit dat hem woorden in de mond worden gelegd
- een ontneming van zijn trui
1. Het feit dat hem woorden in de mond worden gelegd
Het is onduidelijk over welke beslissing klager zich beklaagt wanneer hij aanhaalt dat er “woorden in zijn mond worden gelegd”. Bovendien is ook niet duidelijk door wie deze woorden in klagers mond worden gelegd. De klacht is niet-ontvankelijk.
2. De ontneming van zijn trui
De deponering van goederen is onwettig, wegens gebrek aan wettelijke basis in de Basiswet. De directie wijst op de vlotte organisatie van de activiteiten (orde) en veiligheid, om te verantwoorden waarom klagers trui werd afgenomen. Artikel 105, §2 van de Basiswet, dat de verantwoordelijkheid van de directie inzake orde en veiligheid beschrijft, bevat slechts een algemeen beginsel. Het inrichtingshoofd ontleent aan deze bepaling geen bevoegdheid om welbepaalde maatregelen te nemen, zoals de deponering van goederen. Het ontnemen van goederen kan volgens de Basiswet enkel door middel van een bijzondere veiligheidsmaatregel of tuchtmaatregel.
De klacht is gegrond.