Ga verder naar de inhoud

KC21/22-0060

Ongegrond Onontvankelijk KC - Merksplas Klachtencommissie Geen beslissing directeur Ordemaatregel
BRIEFWISSELING - GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID

De beslissing kadert in de controle van de briefwisseling op vreemde voorwerpen of substanties zoals voorzien in artikel 55 Basiswet. De directeur heeft daarbij de bevoegdheid om bepaalde bijgesloten voorwerpen niet te bezorgen aan de gedetineerde, wanneer dit volstrekt noodzakelijk is voor de handhaving van de orde of de veiligheid (artikel 55 §2 Basiswet). De beslissing die de directie hier nam kaderde in dergelijke beoordeling, waarbij de directie besloot dat er géén sprake was van een gevaar voor de orde of de veiligheid, zodat klager wél in het bezit mocht worden gesteld van de vignetten. Klager vindt het absurd dat de vignetten ter beoordeling aan de directie werden voorgelegd nu ze immers vrij verkrijgbaar zijn. Toch vindt de klachtencommissie het niet onredelijk dat de directie hieromtrent om een beoordeling werd gevraagd door het personeel, gelet op het feit dat bv. postzegels ook niet in bezit mogen worden gegeven, nu deze een geldwaarde vertegenwoordigen. Wellicht rees er in hoofde van het personeel twijfel of dit ook het geval was bij dit soort vignetten, die echter een louter afgiftebewijs betreffen en op zich geen geldwaarde vertegenwoordigen. De directie besloot dan ook terecht om klager wel in het bezit te stellen van deze vignetten. Het loutere feit dát er een beslissing werd genomen, is volgens de klachtencommissie niet problematisch. De klacht is ongegrond.

Klager klaagt in het algemeen over de tekst van het huishoudelijk reglement die volgens hem afwijkend zou zijn van de bepalingen van de Basiswet. De klachtencommissie stelt vast dat er geen sprake is van een geïndividualiseerde beslissing ten aanzien van klager in de zin van artikel 148 Basiswet nu het huishoudelijk reglement onverkort van toepassing is op alle gedetineerden. De klacht is niet-ontvankelijk.