Ga verder naar de inhoud

KC21/22-0078

Gegrond Onontvankelijk KC - Merksplas Klachtencommissie Geen beslissing directeur Ordemaatregel
ORDEMAATREGEL - ARBEID - ONTSLAG - VERTROUWENSFUNCTIE - MOTIVERING - GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID

In het voorliggend dossier werd klager niet langer geschikt geacht voor het uitoefenen van zijn arbeidspost als diender. De klachtencommissie stelt het volgende vast inzake de schriftelijke ontslagbeslissing. De motivering is beperkt tot een relaas van de feiten, opgesteld vanuit het standpunt van een personeelslid. De klachtencommissie acht dit problematisch omwille van twee redenen:
1) Er wordt niet expliciet verduidelijkt om welke reden klager niet langer geschikt wordt geacht voor zijn arbeidspost. Ter zitting van de klachtencommissie verantwoordde de directie de ongeschiktheid van de arbeidspost op basis van het niet-opvolgen van bevelen, en dat dit absoluut onverzoenbaar is met een vertrouwensfunctie. De schriftelijke motivering gaat dan weer overvloedig in op het aspect van verboden substanties. De motivering is onvoldoende duidelijk en stelt klager niet in staat om de reden van het ontslag te begrijpen. De motivering is niet in overeenstemming met artikel 8 Basiswet.
2) De manier waarop de ontslagbeslissing werd gemotiveerd (door schijnbaar knip- en plakwerk vanuit een rapport opgesteld door een personeelslid), samen met het verhaal dat klager ter zitting van de klachtencommissie naar voren brengt over het (mondeling) ontslag dat onmiddellijk volgde op de feiten van 1 september, wekt de indruk dat de schriftelijke beslissing een loutere bekrachtiging is van een ontslagbeslissing die door het bij de feiten betrokken personeelslid mondeling en in strijd met de exclusieve bevoegdheid van de directeur, werd genomen.
De klacht is gegrond. De ontslagbeslissing wordt vernietigd. Als gevolg van deze vernietiging dient klager terug in zijn functie te worden hersteld. De klachtencommissie meent in alle redelijkheid en billijkheid en gelet op de concrete omstandigheden géén compensatie te moeten toekennen.

Een klacht over het gedrag van het personeel betreft geen beslissing van de directeur en behoort bijgevolg niet tot het toepassingsgebied van het beklagrecht. De klacht is niet-ontvankelijk.