Ga verder naar de inhoud

KC21/23-0132

Ongegrond KC - Merksplas Klachtencommissie Tucht
TUCHT - CAMERABEELDEN - MOTIVERING

De klachtencommissie leest in het verslag van de tuchtzitting dat de directie aangeeft dat de verdere behandeling van het RAD wordt “uitgesteld”. De klachtencommissie leest niet dat er werd besloten om er geen tuchtrechtelijk gevolg aan te verlenen, zoals klager in zijn klacht aanvoert. Gelet op de gegevens die tijdens de tuchtzitting van 4 september 2023 naar boven kwamen, onder andere ook na het horen van de betrokken beambte, was het volgens de klachtencommissie inderdaad noodzakelijk voor de zorgvuldige waarheidsvinding dat de camerabeelden (in het bijzijn van klager) bekeken werden.

Er werden tegenindicaties aangevoerd waardoor er twijfels rezen omtrent (een bepaalde passage uit) het RAD. Op de eerste tuchtzitting werd een personeelslid nader bevraagd. Aangezien ten gevolge hiervan werd vastgesteld dat een bepaalde passage uit het RAD inderdaad niet volledig strookte met het verloop van de feiten, besloot de directie dat het noodzakelijk was om ook de camerabeelden van het incident nogmaals te herbekijken, ditmaal in het bijzijn van klager, op een tweede tuchtzitting. In het voorliggend dossier heeft de directeur zich voor het bewezen zijn van de feiten dan ook gebaseerd op de camerabeelden van het incident die ter tuchtzitting van 8 september 2023 aan de tegenspraak van klager onderworpen werden.

De klachtencommissie stelt vast de directeur op een bepaald punt in de motivering wel enigszins kort door de bocht ging voor wat betreft de weergave van de verklaringen van klager, doch meent dat dit geen aanleiding hoeft te geven tot de vernietiging van de tuchtbeslissing nu uit de motivering blijkt waarom de directie geen geloof hechtte aan de verklaringen van klager (die immers niet stroken met de camerabeelden). De klachtencommissie acht het redelijk dat de directeur de feiten bewezen achtte en aan klager toerekende.

De directie kwalificeerde de feiten als het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties (artikel 129, 7° Basiswet). Gelet op de inhoud van het pakketje acht de klachtencommissie deze kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd. Klager pleegde een inbreuk van de eerste categorie en kreeg 15 dagen ATV. De klachtencommissie acht deze sanctie wettelijk en redelijk. De klacht is ongegrond.