TUCHT - GEÏNTERNEERDE - TOEREKENBAARHEID - MOTIVERING - SANCTIE
Klager brengt geen tegenindicaties aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van het RAD. Klager erkende ter tuchtzitting dat hij gewaarschuwd werd dat hij niet moest meekijken. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte op basis van het RAD en de verklaringen van klager ter tuchtzitting.
De directie kwalificeerde de feiten als het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel (artikel 130, 3° Basiswet). De klachtencommissie acht de kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd.
De directeur moet in de motivering de elementen opnemen op basis waarvan hij de geïnterneerde verantwoordelijk acht voor zijn daden. In het voorliggend dossier ontbreekt deze motivering. Volgens de klachtencommissie werd de toerekenbaarheid van de feiten dan ook niet afdoende gemotiveerd. De motivering voldoet daarmee niet aan artikel 144 §6 j° artikel 8 Basiswet.
Hoewel dit element niet kan leiden tot een ruimere vernietiging, wenst de klachtencommissie bijkomend ook op de volgende onzorgvuldigheid te wijzen. Klager diende in totaal 12 dagen ATV te ondergaan, waarvan deels een nieuwe tuchtsanctie en deels een uitvoering van een eerdere voorwaardelijke tuchtsanctie.
Het is echter bijzonder onduidelijk hoe die 12 dagen ATV werden bekomen: 5d ATV + 7d ATV VW in uitvoer volgens de tabel en de mondelinge uitspraak versus 7d ATV + 5d ATV VW in uitvoer volgens de motivering van de tuchtbeslissing. De klachtencommissie maant de directie dan ook aan de nodige zorgvuldigheid aan de dag te leggen bij de redactie van haar beslissingen. De klacht is gegrond.
Klager brengt geen tegenindicaties aan die doen twijfelen aan de waarachtigheid van het RAD. Klager erkende ter tuchtzitting dat hij gewaarschuwd werd dat hij niet moest meekijken. De klachtencommissie acht het redelijk dat de directie de feiten bewezen achtte op basis van het RAD en de verklaringen van klager ter tuchtzitting.
De directie kwalificeerde de feiten als het geen gevolg geven aan de aanmaningen en de bevelen van het personeel (artikel 130, 3° Basiswet). De klachtencommissie acht de kwalificatie correct en afdoende gemotiveerd.
De directeur moet in de motivering de elementen opnemen op basis waarvan hij de geïnterneerde verantwoordelijk acht voor zijn daden. In het voorliggend dossier ontbreekt deze motivering. Volgens de klachtencommissie werd de toerekenbaarheid van de feiten dan ook niet afdoende gemotiveerd. De motivering voldoet daarmee niet aan artikel 144 §6 j° artikel 8 Basiswet.
Hoewel dit element niet kan leiden tot een ruimere vernietiging, wenst de klachtencommissie bijkomend ook op de volgende onzorgvuldigheid te wijzen. Klager diende in totaal 12 dagen ATV te ondergaan, waarvan deels een nieuwe tuchtsanctie en deels een uitvoering van een eerdere voorwaardelijke tuchtsanctie.
Het is echter bijzonder onduidelijk hoe die 12 dagen ATV werden bekomen: 5d ATV + 7d ATV VW in uitvoer volgens de tabel en de mondelinge uitspraak versus 7d ATV + 5d ATV VW in uitvoer volgens de motivering van de tuchtbeslissing. De klachtencommissie maant de directie dan ook aan de nodige zorgvuldigheid aan de dag te leggen bij de redactie van haar beslissingen. De klacht is gegrond.