Ga verder naar de inhoud

KC21/26-0027

Ongegrond KC - Merksplas Klachtencommissie Tucht
TUCHT - VERBODEN SUBSTANTIES - BEWIJS

Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens “het bezit van of de handel in door of krachtens de wet verboden voorwerpen of substanties”.

In eerste instantie meent de klachtencommissie dat de twee rapporten duidelijk werden opgesteld. De klachtencommissie is van oordeel dat klager geen overtuigende elementen heeft aangevoerd waaruit de klachtencommissie kan afleiden dat het rapport geen correcte weergave zou zijn van de feiten. De directie heeft rekening gehouden met de verklaringen die klager zelf heeft afgelegd tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting. De klachtencommissie hecht geen geloofwaardigheid aan de stelling van klager tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting dat de beambten hem erin wouden luizen en dat de witte lijn gedroogde tandpasta zou zijn. Indien tandpasta zonder dop ergens zou openliggen, zou dit immers niet veranderen in een witte lijn in poedervorm. Aangezien de substantie in de persoonlijke kast van klager werd gevonden, is de klachtencommissie van oordeel dat de directie mocht aannemen dat de inhoud ervan ook aan klager toebehoorde. Klager is immers verantwoordelijk voor de zaken die hij hierin opbergt. Klager stelt in zijn klacht dat het RAD niet correct zou zijn wat betreft het feit dat hij geprobeerd zou hebben om terug naar zijn cel te gaan. De klachtencommissie stelt vast dat klager hiervoor niet tuchtrechtelijk gesanctioneerd werd. Wat betreft het tweede RAD is de klachtencommissie van oordeel dat hieruit duidelijk blijkt dat klager zelf een substantie in de vuilbak heeft geworpen en geen elementen werden aangevoerd waaruit blijkt dat het RAD geen correcte weergave zou zijn van de feiten. De directie heeft afdoende gemotiveerd waarom de feiten deze tuchtrechtelijke inbreuk uitmaakten. De klachtencommissie besluit dat de directeur in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager.

De directeur legde een algemene tuchtsanctie op in de vorm van 18 dagen ATV. Voor een tuchtinbreuk van eerste categorie is de wettelijk toegestane maximumsanctie dertig dagen ATV. De tuchtsanctie was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was gelet op de ernst van de feiten.