Ga verder naar de inhoud

KC32/22-0022

Ongegrond KC - Turnhout Klachtencommissie Tucht
TUCHT - SANCTIE

De directeur steunde op de materiële vaststellingen uit het RAD van 10 maart 2022, die ter tuchtzitting door klager erkend werden. Volgens de Klachtencommissie kon de directie deze materiële vaststellingen redelijkerwijs kwalificeren als de opzettelijke aantasting van de fysieke integriteit van personen of de bedreiging daarmee (artikel 129, 1° van de Basiswet), het beledigen van personen die zich in de gevangenis bevinden (artikel 130, 1° van de Basiswet) en het niet-naleven van de door het huishoudelijk reglement voorgeschreven bepalingen (artikel 130, 2° van de Basiswet). Klager beklaagt zich over de zwaarte van de tuchtsanctie. Bij de keuze van de aard en de omvang van de tuchtsanctie moet rekening worden gehouden met de ernst van de inbreuk, met de omstandigheden waarin zij plaatsvond, verzachtende omstandigheden en met de voorlopige maatregel die eventueel werd opgelegd (artikel 143 van de Basiswet). Volgens de Klachtencommissie is de door de directie opgelegde tuchtsanctie van 21 dagen ATV waarvan 14 dagen effectief, wettelijk en redelijk. De Klachtencommissie acht de inbreuken voldoende ernstig om een sanctie van 21 dagen te verantwoorden. Bovendien hield de directie voldoende rekening met de verzachtende omstandigheden, met name het feit dat klager niet gekend is voor zwaar problematisch gedrag, ten gevolge waarvan ze 7 dagen voorwaardelijk oplegde. De klacht is ongegrond.