Ga verder naar de inhoud

KC32/24-0039

KC - Turnhout Klachtencommissie Andere beslissing directeur Tucht Geen beslissing directeur
GEEN BESLISSING DIRECTEUR - BEVOEGDHEID - KLEDIJ - PERSONEEL - UITVOERING - KLACHTENCOMMISSIE

Klager beklaagt zich over een standpunt inzake het weggooien van kledij dat een bepaald directielid vertolkte in een schrijven ten aanzien van de klachtencommissie. Hoewel de klachtencommissie niet met zekerheid kan vaststellen over welk schrijven van de directie klager het precies heeft, meent zij dat het om een verweer in het kader van een klachtendossier gaat. De klachtencommissie meent dat dit standpunt binnen de klachtenprocedure niet beschouwd kan worden als een (aparte) beslissing van de directeur in de zin van artikel 148 Basiswet. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie wijst er bovendien op dat zij, gelinkt aan het voorwerp van “het weggooien van kledij” reeds twee beslissingen nam: over de noodzaak tot opstart van de procedure CB 133 (KC32/23-0220), waarbij klager in het gelijk werd gesteld en de directie werd opgedragen de procedure op te starten (hetgeen blijkens het verweer in het voorliggend dossier ook gebeurde) én over de beslissing van de directeur tot het weggooien van de kledij op zich (KC32/24-0018), waarbij klager in het gelijk werd gesteld en een tegemoetkoming kreeg toegekend. De klachtencommissie meent dan ook dat het voorwerp van de klacht in de meest ruime zin intussen voldoende uitgeput is.

Klager beklaagt zich over het gegeven dat hij bepaalde papieren, die hij aan de griffie afgaf met de vraag er 3x een afschrift van te nemen, ondanks herhaaldelijk aanschrijven van zowel griffie als directie, niet terugkreeg. Op het ogenblik van indiening van de klacht sleepte deze situatie al een drietal weken aan. Blijkens de klacht van klager liet de griffie hem ook weten dat men géén gevolg zou geven aan zijn vraag tot afschrift, zodat er geen reden was om de papieren nog langer bij te houden. Toch besloot de griffie blijkbaar om de papieren niet terug te geven. De klachtencommissie ziet geen wettelijke grondslag op basis waarvan de griffie deze papieren van klager onder zich zou mogen houden. De klachtencommissie acht de beslissing om de papieren bij te houden dan ook onwettelijk. De klacht is gegrond. De klachtencommissie draagt de directie op om de gevolgen van de beslissing ongedaan te maken (lees: papieren terug te geven), voor zover dit nog niet gebeurd is.

Klager beklaagt zich over het gegeven dat een rapportbriefje inzake de niet-uitvoering van de beslissing in KC32/23-0208 (nieuwe beslissing van de directeur inzake de door klager gevraagde compensatie voor slechte tv-ontvangst) onbeantwoord bleef. De klachtencommissie meent dat het voorwerp van de klacht in het voorliggend dossier samenvalt met het voorwerp van de vijfde klacht in KC32/24-0029 (waarin klager reeds zijn beklag deed over deze niet-uitvoering van beslissing KC32/23-0208). De klachtencommissie verwijst naar titel 3.5. van de beslissing in KC32/24-0029, waarin zij de klacht reeds gegrond verklaarde. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet opnieuw inhoudelijk beoordelen.

Klager beklaagt zich opnieuw over de tuchtbeslissing van 5 februari 2024. De klachtencommissie meent dat het voorwerp van de klacht in het voorliggend dossier samenvalt met het voorwerp van de eerste klacht in KC32/24-0029. De klachtencommissie verwijst naar titel 3.1. van de beslissing in KC32/24-0029, waarin zij de klacht reeds gegrond verklaarde, een deel van de motivering vernietigde en haar beslissing in de plaats stelde. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet opnieuw inhoudelijk beoordelen.

Klager maakt nogmaals melding van een petitie die werd neergelegd bij de minister van Justitie. De klachtencommissie meent dat het voorwerp van de klacht in het voorliggend dossier samenvalt met het voorwerp van de achtste klacht in KC32/24-0029. De klachtencommissie verwijst naar titel 3.8. van de beslissing in KC32/24-0029, waarin zij de klacht reeds niet-ontvankelijk verklaarde. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet opnieuw inhoudelijk beoordelen.

Klager beklaagt zich opnieuw over het gegeven dat volgens hem de verse koffie bij de oude koffie wordt gegoten. De klachtencommissie meent dat het voorwerp van de klacht in het voorliggend dossier samenvalt met het voorwerp van de zevende klacht in KC32/24-0029. De klachtencommissie verwijst naar titel 3.7. van de beslissing in KC32/24-0029, waarin zij de klacht reeds niet-ontvankelijk verklaarde. De klacht is niet-ontvankelijk. De klachtencommissie kan de klacht niet opnieuw inhoudelijk beoordelen.

Klager maakt melding van het gegeven dat hij een bepaald directielid zal dagvaarden voor de rechtbank. De klachtencommissie kan in het schrijven van klager geen (aparte) klacht tegen een beslissing in de zin van artikel 148 Basiswet ontwaren en meent dat dit deel van de klacht louter informatief bedoeld is. De klacht is niet-ontvankelijk.