Ga verder naar de inhoud

KC32/24-0226

Ongegrond Gegrond KC - Turnhout Klachtencommissie Fouille op het lichaam
FOUILLE LICHAAM - MOTIVERING - UITVOERING

Klager werd op 31 oktober 2024 onderworpen aan een fouillering op het lichaam. De directie haalde als individuele aanwijzing aan dat zij een melding ontving dat klager drugs zou hebben gegeven aan een andere keukenwerker. De directie verwees ook naar eerdere meldingen dat klager de bewegingsvrijheid bij zijn tewerkstelling zou gebruiken voor de trafiek van verboden voorwerpen en/of substanties, en de effectieve vondst van drugs in de maand april. Ter staving voegt de directie bij haar verweer vier oude RAD’s (twee van januari, één van maart en één van april) toe. De klachtencommissie merkt het volgende op:
- Inzake de recente melding wordt niet gepreciseerd van wie deze melding afkomstig zou zijn, noch wanneer deze overdracht van drugs zich zou hebben voorgedaan. De directie verwijst niet naar veiligheidsredenen waarom deze gegevens niet zouden kunnen worden gepreciseerd, zodat er op dat vlak geen uitzondering op de motiveringsplicht van artikel 8 Basiswet geldt.
- De eerdere meldingen waar de directie naar verwijst dateren van een half jaar geleden en kunnen dus bezwaarlijk als ‘recente aanwijzingen’ beschouwd worden. Bij minstens twee van de vier door de directie overgemaakte RAD’s was er bovendien geen enkele link met de (bewegingsvrijheid in het kader van de) tewerkstelling van klager.
De klachtencommissie acht de individuele aanwijzingen onvoldoende geconcretiseerd. De motivering van de beslissing voldoet niet aan de vereisten van artikel 108 j° artikel 8 Basiswet. De klacht is gegrond. De bestreden beslissing wordt vernietigd. Klager krijgt als tegemoetkoming 60 belminuten.

De klachtencommissie is bevoegd is om te oordelen over de wijze van uitvoeren van een fouillering op het lichaam die tot stand kwam via een beslissing van de directeur (feitelijk handelen dat in verbinding staat met een beslissing van de directeur). Klager voert aan dat hij geen handdoek aangereikt kreeg en door de knieën moest buigen. De directie erkent in haar verweer het belang van het verstrekken van een handdoek. Bevraging bij het personeel leerde haar dat de procedure correct gevolgd is. De klachtencommissie ziet in het voorliggend dossier geen redenen om aan te nemen dat de procedure ten aanzien van klager niet correct gevolgd werd.
De klacht is ongegrond.