TUCHT – ORDEMAATREGEL – VERBODEN VOORWERPEN – ARBEID - ONTSLAG
De klacht betreft een tuchtbeslissing en de beslissing tot afzetting van zijn werk.
- Wat betreft de tuchtbeslissing
Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd met 30 dagen ATV wegens het bezit of gebruik van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken, een tuchtinbreuk van de eerste categorie.
In eerste instantie meent de klachtencommissie dat het RAD duidelijk werd opgesteld. Bovendien werd het ondertekend door één getuige. Hoewel de klachtencommissie erkent dat klager in het verleden eerlijk was en correct handelde wanneer verboden substanties van anderen werden aangetroffen, kan in deze situatie niet voorbijgegaan worden aan de vaststellingen uit het RAD. Klager heeft op vraag van een medegedetineerde een pak suiker overhandigd van een medegedetineerde, zonder zich ervan te vergewissen wat hij precies doorgaf. De klachtencommissie besluit dan ook dat, gelet op het feit dat de gsm in het pak suiker in de handen van klager werd aangetroffen, de directie in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager. De tuchtsanctie van dertig dagen ATV was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was gelet op de ernst van de feiten.
Om die redenen is de klacht kennelijk ongegrond. De tuchtbeslissing blijft bestaan.
- Wat betreft de beslissing tot afzetting werk
De directeur kan een gedetineerde onder andere ontslaan, wanneer hij hem niet langer geschikt acht voor de arbeidspost. De motivering van een ontslagbeslissing moet zowel in rechte als in feite gebeuren, voldoende duidelijk zijn en betrokkene in staat stellen om de reden van het ontslag te begrijpen.
In het voorliggend dossier motiveerde de directie waarom klager volgens haar niet langer beantwoordt aan de voor de arbeidspost gestelde eisen door te verwijzen naar de gsm die werd aangetroffen in de zak suiker die werd afgeleverd aan klager. De klachtencommissie begrijpt dat klager een vertrouwensfunctie vervulde als diender, waarbij verantwoordelijkheid en vertrouwen essentieel zijn. Door een gsm te vervoeren of zonder twijfel het zakje suiker aan te nemen, heeft klager het vertrouwen dat in zijn functie vereist is niet gehandhaafd. De klachtencommissie acht het ontslag dan ook redelijk en wettig.
Om die redenen is de klacht kennelijk ongegrond.
De klacht betreft een tuchtbeslissing en de beslissing tot afzetting van zijn werk.
- Wat betreft de tuchtbeslissing
Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd met 30 dagen ATV wegens het bezit of gebruik van technologische middelen die onregelmatige communicatie met de buitenwereld mogelijk maken, een tuchtinbreuk van de eerste categorie.
In eerste instantie meent de klachtencommissie dat het RAD duidelijk werd opgesteld. Bovendien werd het ondertekend door één getuige. Hoewel de klachtencommissie erkent dat klager in het verleden eerlijk was en correct handelde wanneer verboden substanties van anderen werden aangetroffen, kan in deze situatie niet voorbijgegaan worden aan de vaststellingen uit het RAD. Klager heeft op vraag van een medegedetineerde een pak suiker overhandigd van een medegedetineerde, zonder zich ervan te vergewissen wat hij precies doorgaf. De klachtencommissie besluit dan ook dat, gelet op het feit dat de gsm in het pak suiker in de handen van klager werd aangetroffen, de directie in redelijkheid en billijkheid de tuchtinbreuk kon bewezen verklaren in hoofde van klager. De tuchtsanctie van dertig dagen ATV was dus wettig. De klachtencommissie is van oordeel dat de sanctie ook niet onredelijk of onbillijk was gelet op de ernst van de feiten.
Om die redenen is de klacht kennelijk ongegrond. De tuchtbeslissing blijft bestaan.
- Wat betreft de beslissing tot afzetting werk
De directeur kan een gedetineerde onder andere ontslaan, wanneer hij hem niet langer geschikt acht voor de arbeidspost. De motivering van een ontslagbeslissing moet zowel in rechte als in feite gebeuren, voldoende duidelijk zijn en betrokkene in staat stellen om de reden van het ontslag te begrijpen.
In het voorliggend dossier motiveerde de directie waarom klager volgens haar niet langer beantwoordt aan de voor de arbeidspost gestelde eisen door te verwijzen naar de gsm die werd aangetroffen in de zak suiker die werd afgeleverd aan klager. De klachtencommissie begrijpt dat klager een vertrouwensfunctie vervulde als diender, waarbij verantwoordelijkheid en vertrouwen essentieel zijn. Door een gsm te vervoeren of zonder twijfel het zakje suiker aan te nemen, heeft klager het vertrouwen dat in zijn functie vereist is niet gehandhaafd. De klachtencommissie acht het ontslag dan ook redelijk en wettig.
Om die redenen is de klacht kennelijk ongegrond.