Ga verder naar de inhoud

KC32/25-0198

Gegrond KC - Turnhout Klachtencommissie Tucht
TUCHT - TOEREKENBAARHEID

Klager werd tuchtrechtelijk gesanctioneerd wegens “de opzettelijke aantasting van de orde". In eerste instantie meent de klachtencommissie dat het RAD duidelijk werd opgesteld en chronologisch het relaas van de feiten beschrijft. De klachtencommissie is ook van oordeel dat klager en zijn advocaat noch tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting, noch in de klacht overtuigende elementen hebben aangevoerd waaruit de klachtencommissie kan afleiden dat het rapport geen correcte weergave zou zijn van de feiten. De klachtencommissie merkt op dat klager, in tegenstelling tot wat er gesuggereerd wordt in de tuchtbeslissing, tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting niet expliciet heeft erkend dat hij de orde heeft verstoord. Tijdens de tuchtrechtelijke hoorzitting stelt klager wel expliciet dat hij op het winket heeft gespuwd omwille van frustraties. De klachtencommissie is van oordeel dat de directie afdoende heeft gemotiveerd waarom klager door deze feiten de orde opzettelijk heeft aangetast.

De klachtencommissie stelt vast dat klager geïnterneerd is. De directeur moet in de motivering de elementen opnemen op basis waarvan hij de geïnterneerde verantwoordelijk acht voor zijn daden. De vraag of de geïnterneerde wel verantwoordelijk kan geacht worden voor de feiten, slaat op de vraag of de persoon op het moment van de feiten helder en bewust was, en dus over vrije wil en oordeelsvermogen beschikte en er bewust voor gekozen heeft de feiten te plegen. De klachtencommissie is echter van oordeel dat het RAD onvoldoende elementen bevat die toelaten om een correct beeld te vormen van de geestesgesteldheid van klager op het moment van de feiten. De klachtencommissie meent dat de motivering van de tuchtbeslissing als een stijlclausule beschouwd dient te worden en niet toelaat te achterhalen welke observaties of informatie in dit dossier concreet worden weerhouden door de gevangenisdirectie. Bovendien is het allerminst duidelijk welke passages uit de verslaggeving er in het bijzonder op wijzen dat klager helder van geest was op het ogenblik van de feiten.

De klachtencommissie vernietigt de tuchtbeslissing en draagt de directie op elk spoor ervan uit het tuchtregister van klager te wissen.